Juba (Louvre, Parijs)

Curio in Africa

21 juli 2021

In het eerste stukje schreef ik dat Gaius Scribonius Curio in de zomer van 49 v.Chr. Sicilië verzekerde voor Caesar. Daarna stak hij over naar Afrika met vijfhonderd Gallische ruiters en het Vijftiende en het Zestiende Legioen, twee eenheden die in 53 v.Chr. waren gelicht toen Rome ook het door Ambiorix verslagen Veertiende moest vernieuwen. Het Vijftiende was in Italië gebleven om deel te nemen aan Crassus’ expeditie tegen de Parthen en was meteen naar Caesar overgelopen toen deze de Rubico was overgestoken; over eerdere avonturen van het Zestiende weten we niets. Veel gevechtservaring lijken de mannen echter niet te hebben gehad.

Schermutselingen

Curio landde bij Kaap Bon en rukte in slechts drie dagen op door het achterland van het verwoeste Karthago tot hij aankwam bij de rivier de Medjerda, waar zijn tegenstander op hem wachtte: Publius Attius Varus. Hij verdedige Utica, de hoofdstad van de provincie Africa.

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek
Portret van een Romein (eerste eeuw v.Chr.; British Museum)

Curio in Italië

21 juli 2021

Als ik u zeg dat het 20 augustus was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 20 juli 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag gisteren 2069 jaar geleden?” Het antwoord is dat we dat niet weten maar dat het de dag was waarop Curio om het leven kwam.

Caesars kolonel

We zijn Gaius Scribonius Curio al een paar keer tegengekomen. Kort nadat Caesar de Rubico was overgetrokken, had hij Curio uitgestuurd naar Gubbio, waar het garnizoen van Senaatstroepen de strijd niet aandurfde en deserteerde. Enkele weken later, toen Caesar in Rome was aangekomen en enkele bestuursmaatregelen nam, wees hij Curio aan als nieuwe gouverneur van Sicilië. Zoals gezegd was het eiland van groot belang, omdat hier een groot deel van het graan van de stad Rome vandaan kwam.

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek
Afgietsel van een reliëf met twee oorlogsschepen uit Napels (Museum für antike Schifffahrt, Mainz)

De tweede zeeslag bij Marseille

3 juli 2021

Als ik u zeg dat het de derde was van de maand sextilis, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 3 juli 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Nou, het zou best kunnen zijn dat Caesar in Ilerda, waar hij zojuist de troepen van de Senaat had verslagen, bericht kreeg over de gebeurtenissen in Marseille, enkele dagen eerder, op de laatste dag van de Romeinse maand quinctilis (ofwel onze 30 juni). Volgens dit mooie programma deed een ijlbode te paard een kleine drie dagen over de 716 kilometer van Marseille naar Ilerda. En het nieuws dat de bode uit Marseille aan Caesar kwam brengen was goed: voor de tweede keer was er een zeeslag geweest en de aanhangers van Caesar hadden gezegevierd.

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek
Portret van Caesar uit Nijmegen (nu in het Rijksmuseum van Oudheden)

Caesar zegeviert in Ilerda

2 juli 2021

Als ik u zeg dat het 2 augustus was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 2 juli 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” Een paar dagen geleden beschreef ik hoe een einde was gekomen aan de impasse die was ontstaan te Ilerda, waar Caesar en zijn tegenstanders Afranius en Petreius wekenlang tegenover elkaar hadden gelegen aan een rivier. Uiteindelijk had Caesar zijn troepen weten over te zetten, waarop Afranius en Petreius waren begonnen met de aftocht richting Ebro, 45 kilometer verderop. Dat had Caesar voor een dilemma geplaatst:

Hij moest óf hen volgen terwijl zijn aanvoerlijnen niet veilig waren, omdat hij Marseille niet in handen had, óf de achtervolging staken en zijn vijanden toestaan zich elders in Iberië te versterken, waar hun bondgenoot Varro hun hulp kon bieden.

Caesar moest vooral snel een keuze maken, want zijn tegenstanders trokken weg over betrekkelijk vlak terrein dat later zou overgaan in heuvelland. Als ze eenmaal in de heuvels waren, konden ze de weg blokkeren en kon Caesar de oversteek van de Ebro niet meer beletten.

Deel:
Categoriën: Nog te categoriseren
Caesar (Altes Museum, Berlijn)

Caesars diplomatieke zege bij Ilerda

24 juni 2021

Als ik u zeg dat het 25 juli was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 24 juni 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” We hadden Caesar met het onvoltallige Zesde, het onvoltallige Zevende, het onvoltallige Negende, het onvoltallige Tiende, het onvoltallige Elfde en het onvoltallige Veertiende Legioen achtergelaten in Ilerda, het huidige Lérida of Lleida in Catalonië, waar hij oorlog voerde tegen vijf legioenen van Pompeius, gecommandeerd door Lucius Afranius en Marcus Petreius.

In het vorige stukje behandelde ik een verwarde reeks gevechten, waarin Caesar probeerde de weg tussen Ilerda en het kamp van zijn tegenstanders in handen te krijgen. Ondanks heldhaftig optreden van het Negende Legioen, dat misschien in deze tijd zijn bijnaam Hispana kreeg, was dat niet gelukt. Toen heftige regens vervolgens een brug wegsloegen, werd verdere strijd vrijwel onmogelijk en beide partijen bleven tegenover elkaar liggen: Caesar aan de ene zijde van de rivier, Afranius en Petreius op de andere.

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek
Reliëf van een antieke zeeslag (Vaticaanse Musea, Rome)

De eerste zeeslag bij Marseille

28 mei 2021

Als ik u zeg dat het 27 juni was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 28 mei 49 v.Chr. op onze kalender, dan vindt u dat een wat flauw intro. Ik kondigde immers gisteren al aan dat u vandaag zou belanden in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En dit keer gaat het eigenlijk niet over Caesar, maar vooral over het beleg van Marseille.

U herinnert zich dat Caesar deze stad voor zich had willen winnen om zijn aanvoerlijnen richting Iberië veilig te stellen. Tijdens de onderhandelingen was Lucius Domitius Ahenobarbus, een generaal in dienst van de Senaat, naar de stad gekomen en hij had alles in staat van verdediging had gebracht. De belegering was begin april begonnen en duurde dus alweer een week of zeven toen de verdedigers een uitval deden. Caesars kolonels, die de belegering voortzetten terwijl hun generaal op weg was gegaan naar Spanje, hadden schepen laten bouwen om te verhinderen dat de belegerden overzee zouden uitbreken. Caesar zelf vertelt, in de vertaling van Hetty van Rooijen:

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek
De Pyreneeën

De slag bij Ilerda

27 mei 2021

Als ik u zeg dat het 26 juni was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 27 mei 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En dat, dames en heren, was niets minder dan de slag bij Ilerda. Dat is de stad die tegenwoordig Lérida heet (in het Spaans) of Lleida (in het Catalaans).

Zoals Caesar in Gallië het imperium had, dat wil zeggen het recht gezag uit te oefenen, had Pompeius dat in Iberië. Alleen had deze generaal, de grote vernieuwer van het Romeinse staatsrecht, besloten dat hij het gezag indirect zou uitoefenen, via zogeheten legaten. Toen Caesar Italië was binnenviel, had Pompeius ervoor gekozen met de Senaat naar Griekenland te gaan om extra legers op te bouwen; zijn vijf Spaanse legioenen had hij overgelaten aan Lucius Afranius en Marcus Petreius. Caesar had in Italië geconcludeerd dat hij een generaal zonder leger had in het oosten en een leger zonder generaal in het westen, en had besloten eerst daarmee af te rekenen. Een voorhoede, gecommandeerd door Gaius Fabius, verzekerde de passen over de Pyreneeën en na een oponthoud in Marseille was ook Caesar zelf naar Catalonië gekomen.

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek
Caesar (Nationaal Museum, Napels)

Caesar in Marseille

23 maart 2021

Als ik u zeg dat het de negentiende april was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 21 maart 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag eergisteren 2069 jaar geleden?”

Het antwoord op die vraag is dat hij in Marseille aankwam. De situatie was simpel: hij had sinds eind december (onze kalender) Italië onder de voet gelopen, hij had ervoor gezorgd dat hij legaal meer soldaten kon rekruteren dan zijn tegenstanders en hij had zich geholpen aan het edelmetaal uit de staatsschatkist. Nu was hij op weg naar het Iberische Schiereiland, waar enkele legioenen lagen die trouw waren aan de Senaat en zijn generaal Pompeius. Voordat Caesar Pompeius in Griekenland kon aanvallen, wilde hij de troepen in het westen hebben uitgeschakeld. Op weg naar Spanje bereikte Caesar Marseille, of Massilia, zoals het destijds heette. Hij vond de poorten gesloten.

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek
Caesar (Palazzo Altemps, Rome)

Caesar in Rome: de “Rechtsfrage”

3 maart 2021

Ik liet u gisteren achter met de Senaatsvergadering die Marcus Antonius buiten de stad Rome had georganiseerd op de kalenden van april van het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls waren – 3 maart 49 v.Chr. op onze kalender, vandaag 2069 jaar geleden. In zijn Burgeroorlog 1.32 beschrijft Caesar de toespraak die hij bij die gelegenheid zou hebben gehouden. Daarin vertelt hij wat zijn beweegredenen waren geweest om de Tweede Burgeroorlog te ontketenen.

Uiteraard zijn de volgende woorden te lezen in de context van zijn propagandistische geschiedwerk, maar het zou een samenvatting kunnen zijn van wat op de dag feitelijk is gezegd. De vertaling is van de onlangs overleden classica Hetty van Rooijen.

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek
Senatoren (kopie van de Ara Pacis, Vaticaanse Musea, Rome)

Caesar in Rome

2 maart 2021

Het was 31 maart in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren – 2 maart 49 v.Chr. op onze kalender, vandaag 2069 jaar geleden. Maar de consuls waren niet in Rome, ze waren gevlucht. Toen Julius Caesar de Rubico was overgetrokken en er geen steun bleek te zijn voor de officiële vertegenwoordigers van de republiek, waren ze eerst naar het zuiden van Italië getrokken en vervolgens de Adriatische Zee overgestoken. Caesar had ze achtervolgd, had niet kunnen vermijden dat ze ontsnapten, had legers gerekruteerd en had door middel van de Lex Roscia de verdere rekruteringsbasis verbreed. Sinds 14 november 50, de dag waarop hij de Rubico was overgestoken, had de veroveraar van Gallië ongeveer 1500 km afgelegd.

Terug in Rome

En nu, op onze tweede maart, kwam hij over de Via Appia aan in Rome. Tien jaar daarvoor was hij voor het laatst in de stad geweest, als consul; sindsdien had hij Gallië veroverd en een deel van de daar verworven buit bestemd om het stadscentrum van Rome te renoveren. Naast het Forum Romanum had hij voor 600 miljoen sestertiën de grond gekocht om een tweede forum te bouwen. De stad waar hij aankwam, was zo een andere dan de stad die hij had verlaten. Ook hijzelf was veranderd. Hij was niet langer een oud-consul die blij mocht wezen zijn loopbaan te mogen voortzetten in een redelijk belangrijke provincie. Hij commandeerde een groot, getraind leger.

Deel:
Categoriën: Italië, Romeinse Republiek