Berg

Berg, Tongeren en Luik

31 mei 2021

Ik moest voor mijn werk een paar mensen spreken en dat voerde me de afgelopen dagen naar het zuiden. Er zijn vervelendere manieren om te moeten werken. Laat mij na één of twee nachten België terugkeren, en ik heb het gevoel dat het een week vakantie was. Dat was nu dubbel het geval, want hoewel ik als door een wonder vier afspraken in drie opeenvolgende dagen had kunnen organiseren, was er wat tijd over om in Tongeren een bezoek te brengen aan het museum, waar momenteel de expositie “Oog in oog met de Romeinen” is. Bovendien woonden niet alle mensen die ik spreken moest op een per bus te bereiken plek, zodat de fiets mee ging. Wat bij zonnig weer geen ellende is. Kortom, het nuttige liet zich met het aangename combineren en ik geef u hier wat foto’s.

Hierboven het dorpje Berg, even ten oosten van Tongeren. Het is echt een berg, ontdekte ik, maar het kerkje is prachtig en je hebt een al even prachtig uitzicht. Hier is een bekende viergodensteen gevonden, een ooit populair soort reliëf met – u raadt het al – aan vier zijden goden, zoals we ook kennen uit bijvoorbeeld Nijmegen of Parijs. Er is in Berg zelfs een straat naar genoemd. De vondst duidt op de aanwezigheid van een Romeins heiligdom, ongetwijfeld op de plek waar nu de kerk staat, want als de christenen hun kerk niet à la Maria sopra Minerva over de tempel bouwden, was de natuurlijke hoogte een aantrekkelijke plek in zowel de Romeinse tijd als de Middeleeuwen.

Deel:
Categoriën: Lage Landen, Musea
Een aarden wal bij Kanne-Caestert

Ambiorix

29 mei 2021

Cassius Dio was een voorname senator uit de vroege derde eeuw n.Chr., afkomstig uit een van de oostelijke provincies. Hij was geïnteresseerd in geschiedenis en schreef een overzicht van de groei en het (zijns inziens) verval van het Romeinse Rijk. Daarbij behandelde hij ook Julius Caesars verovering van de Lage Landen.

De legioenen hadden Gallië al onder de voet gelopen en waren al overgestoken naar Brittannië toen Caesar in de winter van 54/53 v.Chr. te maken kreeg met een inheemse opstand, aangevoerd door Ambiorix, de vorst van de Eburonen, een stam in de Maasvallei. Diens eerste aanvalsdoel was het pas geformeerde Veertiende Legioen. Het was gestationeerd in Atuatuca, de naam die later gegeven zou worden aan Tongeren. Daar zijn geen Romeinse resten uit die tijd; een alternatief is dat het legioen zich bevond bij Kanne-Caestert, op het Belgische gedeelte van de Sint-Pietersberg, maar dan is het weer wat vreemd hoe de naam zeventien kilometer (een dagreis) kan zijn verplaatst. Enfin, we bevinden ons ergens in de Haspengouw.

Deel:
Drie gezichtsreconstructies (Vlaams Erfgoed Centrum)

Gezichtsreconstructies uit Tongeren

3 april 2021

Voor het eerst in België reconstrueerden specialisten het gelaat van enkele mensen die leefden in de Romeinse tijd.

In 2013 kwam tijdens opgravingen in Tongeren een Romeins grafveld aan het licht dat  dateert uit het begin van onze jaartelling. Vooral één graf trok de aandacht van de onderzoekers. Het was de laatste rustplaats van een volwassen man en twee kinderen. Ze werden samen begraven. Uit DNA-onderzoek blijkt dat de kinderen broer en zus zijn, de man is geen familie. De goede bewaarstaat van de schedelresten en de resultaten van het DNA-onderzoek lieten toe om gezichtsreconstructies uit te voeren. Vanaf 1 mei zullen de gezichten te zien zijn in de inkomhal van het Gallo-Romeins Museum.

Deel:
Categoriën: Lage Landen, Persbericht

Een draak van wetenschapscommunicatie

12 december 2020

In de rubriek wetenschap van VRT NWS viel mijn oog op de titel “Is Lennik ouder dan “oudste stad” Tongeren? VUB-prof meent via nieuwe meettechniek van wel”. Het is een opmerkelijk stukje. Het gaat uit van een professor die ook meewerkt aan het Team Scheire. Dat is een populair TV-programma dat aan wetenschapscommunicatie doet.

Deze professor beweert op basis van oppervlaktemetingen en veldwerk op het platteland dat Lennik de oudste Romeinse nederzetting van België is. Het zou dus ouder zijn dan Tongeren dat omstreeks 10 v.C. werd gesticht. Hij verwijst daarvoor onder meer naar het winterkamp van Quintus Tullius Cicero dat daar in de nabijheid zou gelegen hebben. Bovendien zou Caesar in 47 v.C. Quintus Cicero naar Lennik gestuurd hebben om zowat 15.000 veteranen een stuk grond te geven in Gallië. Als bewijs daarvoor verwijst hij naar de centuriatio of het Romeinse kadaster. Daarvan zou hij in Lennik restanten gevonden hebben in 56 gelijke percelen. Het bericht zou de moeite niet waard zijn om op te reageren ware het niet dat het zich via alle mogelijke dagbladen zoals Het Belang van Limburg, Het Laatste Nieuws, De Morgen, en zo voort, verspreidt. Wanneer we de argumenten kritisch op een rij zetten dan blijkt daar weinig van over te blijven.

Deel: