Portret van Caesar uit Nijmegen (nu in het Rijksmuseum van Oudheden)

Caesar zegeviert in Ilerda

2 juli 2021

Als ik u zeg dat het 2 augustus was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 2 juli 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” Een paar dagen geleden beschreef ik hoe een einde was gekomen aan de impasse die was ontstaan te Ilerda, waar Caesar en zijn tegenstanders Afranius en Petreius wekenlang tegenover elkaar hadden gelegen aan een rivier. Uiteindelijk had Caesar zijn troepen weten over te zetten, waarop Afranius en Petreius waren begonnen met de aftocht richting Ebro, 45 kilometer verderop. Dat had Caesar voor een dilemma geplaatst:

Hij moest óf hen volgen terwijl zijn aanvoerlijnen niet veilig waren, omdat hij Marseille niet in handen had, óf de achtervolging staken en zijn vijanden toestaan zich elders in Iberië te versterken, waar hun bondgenoot Varro hun hulp kon bieden.

Caesar moest vooral snel een keuze maken, want zijn tegenstanders trokken weg over betrekkelijk vlak terrein dat later zou overgaan in heuvelland. Als ze eenmaal in de heuvels waren, konden ze de weg blokkeren en kon Caesar de oversteek van de Ebro niet meer beletten.

Deel:
Categoriën: Nog te categoriseren
Caesar (Altes Museum, Berlijn)

Caesars diplomatieke zege bij Ilerda

24 juni 2021

Als ik u zeg dat het 25 juli was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 24 juni 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” We hadden Caesar met het onvoltallige Zesde, het onvoltallige Zevende, het onvoltallige Negende, het onvoltallige Tiende, het onvoltallige Elfde en het onvoltallige Veertiende Legioen achtergelaten in Ilerda, het huidige Lérida of Lleida in Catalonië, waar hij oorlog voerde tegen vijf legioenen van Pompeius, gecommandeerd door Lucius Afranius en Marcus Petreius.

In het vorige stukje behandelde ik een verwarde reeks gevechten, waarin Caesar probeerde de weg tussen Ilerda en het kamp van zijn tegenstanders in handen te krijgen. Ondanks heldhaftig optreden van het Negende Legioen, dat misschien in deze tijd zijn bijnaam Hispana kreeg, was dat niet gelukt. Toen heftige regens vervolgens een brug wegsloegen, werd verdere strijd vrijwel onmogelijk en beide partijen bleven tegenover elkaar liggen: Caesar aan de ene zijde van de rivier, Afranius en Petreius op de andere.

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek
Fresco uit het theater van Mérida

Foto van de dag: Leeuwenjacht

27 mei 2021

Muurschildering uit het theater van Mérida: een jager neemt het op tegen een leeuwin

[Meer foto’s hier.]

Deel:
Categoriën: Foto, Musea, Romeinse Keizerrijk
De Pyreneeën

De slag bij Ilerda

27 mei 2021

Als ik u zeg dat het 26 juni was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 27 mei 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En dat, dames en heren, was niets minder dan de slag bij Ilerda. Dat is de stad die tegenwoordig Lérida heet (in het Spaans) of Lleida (in het Catalaans).

Zoals Caesar in Gallië het imperium had, dat wil zeggen het recht gezag uit te oefenen, had Pompeius dat in Iberië. Alleen had deze generaal, de grote vernieuwer van het Romeinse staatsrecht, besloten dat hij het gezag indirect zou uitoefenen, via zogeheten legaten. Toen Caesar Italië was binnenviel, had Pompeius ervoor gekozen met de Senaat naar Griekenland te gaan om extra legers op te bouwen; zijn vijf Spaanse legioenen had hij overgelaten aan Lucius Afranius en Marcus Petreius. Caesar had in Italië geconcludeerd dat hij een generaal zonder leger had in het oosten en een leger zonder generaal in het westen, en had besloten eerst daarmee af te rekenen. Een voorhoede, gecommandeerd door Gaius Fabius, verzekerde de passen over de Pyreneeën en na een oponthoud in Marseille was ook Caesar zelf naar Catalonië gekomen.

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek

‘Het was haat uit liefde’

26 februari 2021

Als het gaat om de kerstening van het Romeinse rijk (en de ondergang van de klassieke goden) dan hoort daar de naam bij van keizer Constantijn de Grote (r.306-337). Maar hij zette slechts de eerste stappen. Een echte keuze vóór het christendom (en de bijbehorende subsidiëring van de kerk) liet enige tijd op zich wachten. De heidense eredienst werd niet verboden. Dat alles gebeurde eigenlijk pas onder keizer Theodosius (r.379-394).

Hij maakte het vereren van de traditionele goden strafbaar. Toch was er één godsdienst die deze ommezwaai zonder veel kleerscheuren wist te doorstaan, en dat was het jodendom. Die godsdienst was en bleef toegestaan. Christelijke leiders verkondigden weliswaar dat de Joden Christus hadden vermoord en ze deden vaak hun uiterste best om de Jodenhaat onder christenen aan te wakkeren, maar hun succes was beperkt. In de dagelijkse omgang gingen joden en christen veelal vreedzaam met elkaar om.

Deel:

Wat is er nieuw? Spanje

10 december 2020

Het Iberische Schiereiland is bij de bestudering van de antieke wereld een beetje een buitenbeentje. Vergeleken met Italië en Griekenland zijn er betrekkelijk weinig bronnen, terwijl de archeologie het in de Franco-jaren niet heel gemakkelijk heeft gehad. Toch is de geschiedenis boeiend: de IJzertijdculturen, de komst van Fenicische en Griekse kolonisten, de keltificering, de oorlog tussen Karthago en Rome, de geleidelijke verovering van het metaalrijke gebied, de rustige keizertijd, het Rijk van Toledo en tot slot de bliksemsnelle Arabische verovering.

Conflictarcheologie

De laatste jaren zijn er vrij veel belangrijke opgravingen, waarvan vooral de conflictarcheologie van Spanje de aandacht trekt. Archeologie is meestal de bestudering van lange processen, maar het opgraven van een slagveld biedt een overlap met evenementiële geschiedenis en is dus een uitgelezen kans om de archeologische methoden te vergelijken met de methoden van de historici en zo verder te groeien. Die dimensie komt niet meteen aan de orde in de berichtgeving van El Pais, maar is wel waarom Spanje interessant is.

Deel:
Tags:
De Romeinse brug van Alcantara

Verklaren door vergelijken (3)

14 november 2020

In de twee eerste stukjes heb ik uitgelegd dat vergelijken een manier is om oorzaken op te sporen, al moet je rekening houden met valkuilen en werken brede patronen (“modellen”) beter dan simpele parallellen. De toepassing van dit vergelijkend-oorzakelijke verklaringsmodel komt vaak neer op het uitsluiten van concurrerende variabelen en daarvan wil ik nu een voorbeeld geven: wat is de voornaamste oorzaak was van de romanisering? Het voorbeeld zou eigenlijk tientallen parallellen – een patroon, een model – moeten hebben, maar ik kies toch even voor één casus, Andalusië.

Daar kunnen we de romanisering namelijk vergelijken met de arabisering. Tweemaal werd de bevolking door overmachtige legers onderworpen en veranderden taal en religie. Hoewel de processen op elkaar lijken, is er een groot verschil tussen de eindes van de vergeleken periodes: toen in de vijfde eeuw het Romeinse staatsapparaat desintegreerde en een van oorsprong Visigotische elite de macht overnam, absorbeerde de bevolking haar heersers, die zich aanpasten, Latijn gingen spreken en christelijk werden. In de Late Middeleeuwen, toen veroveraars uit Portugal, Castilië en Aragon het gebied overnamen, kon de inmiddels Arabisch geworden bevolking haar nieuwe meesters echter niet absorberen. Blijkbaar greep de romanisering dieper in dan de arabisering, maar waardoor?

Deel:
Tichel met christusmonogram uit Spanje (British Museum, Londen)

De Visigoten

11 november 2020

Een kleine twee weken geleden maakten archeologen van de Amsterdamse Vrije Universiteit bekend dat er bij Lienden gouden munten waren gevonden die nieuw licht wierpen op de wijze waarop de Frankische koning Childerik de macht in het noordwesten van het Romeinse Rijk had kunnen overnemen. De Romeinse keizer Majorianus had – vermoedelijk over de twee schijven van generaal Aegidius en een Frankische heerser als Childerik – rond het jaar 460 goud betaald om een Frankisch leger voor zich te winnen en daarmee de Romeinse macht in Gallië te herstellen. Ik beschreef hier en daar hoe het latere Frankische koninkrijk is gegroeid uit het netwerk dat de Romeinen bij die gelegenheid met hun goud versterkten.

De Frankische staat is dus te beschouwen als voortgekomen uit het Romeinse Rijk. Net als het Byzantijnse Rijk. Net zoals de continuering van de Romeinse cultuur in de halfwoestijn van Libië waarover ik al eens schreef. En net als het koninkrijk dat een van oorsprong Visigotische groepering stichtte op het Iberische Schiereiland. Het verhaal van deze groep is soms parallel en soms tegengesteld aan dat van de Franken.

Deel: