Christus als wetgever, op een heel laag bergje. Detail van een sarcofaag uit Rome (Louvre, Parijs)

De Bergrede (1)

6 juni 2021

Zoals ik al eerder heb verteld, liggen aan de evangeliën van Matteüs en Lukas twee bronnen ten grondslag, enerzijds het evangelie van Marcus en anderzijds de bron Q. (Er gaat een gerucht dat een tekst van Q is aangetroffen in dezelfde cache waarin ook het Judas-evangelie zou zijn gevonden. Ik ben sceptisch, maar noteer het als iets waarop u gespitst moet zijn.) Lukas geeft Q weer in de volgorde waarin hij het aantrof: een reeks spreekwoorden en gezegdes zonder veel verband. Matteüs maakt er toespraken van, waarvan de Bergrede het indrukwekkendste is. Ze is vooral bekend om de ronkende proloog, de beroemde “zaligsprekingen”, waarin Jezus de toekomst schetst in het Koninkrijk van God (“Gelukkig wie hongeren en dorsten naar gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.”)

Er is over de Bergrede veel te vertellen. Zo is er een nauwe parallel in de Dode-Zee-rol die bekendstaat als 4Q525 en zijn er leuke antropologische observaties te doen bij het woord “geluk”. Mij gaat het nu even om de compositie als geheel, die er dus een is van Matteüs. Het publiek zal meteen hebben herkend dat als Jezus op een berg de Wet gaat bespreken, dit een verwijzing is naar Mozes’ wetgevende activiteit op de berg Horeb/Sinaï. Dat maakt Jezus in de eerste plaats “de profeet als Mozes”, een gangbare messiaanse titel, en in de tweede plaats een religieuze autoriteit. Immers, joodse religieuze autoriteit wilde zeggen: uitleg van de Wet.

Deel:
Categoriën: Christendom, Jodendom
Dit is niet Hannibal

Hannibal in Italië: waarom?

5 juni 2021

Zoals ik al vertelde, werk ik momenteel aan een boekje over Hannibal in de Alpen. Het doel is uit te leggen waarom pogingen zijn route naar Italië vast te stellen, wel moeten mislukken. Waarom Hannibal besloot tot deze expeditie, is eigenlijk van ondergeschikt belang. Dat is meer een vraag voor een andere gelegenheid – bijvoorbeeld voor een blogstukje.

Ik begrijp het gewoon niet. We kunnen niet in Hannibals geest kijken maar mogen speculeren. Het is redelijk aan te nemen dat hij wel een paar dingen wist over zijn tegenstanders, de Romeinen.

Deel:
Kynoskefalai

De slag bij de Hondenkoppen (2)

4 juni 2021

[Tweede deel van een stuk over de Tweede Macedonische Oorlog, ofwel het conflict tussen het Romeinse legioen en de Macedonische falanx. Het eerste deel was hier.]

De afwijzing van de voorwaarden was voldoende om de Volksvergadering alsnog te laten instemmen met de oorlogsverklaring en eind 200 staken de legioenen de Adriatische Zee over. De eerste Romeinse generaal bracht Filippos voldoende kleine nederlagen toe om te bewerkstelligen dat de Aitolische steden in het westen, waarmee Rome na 215 al had samengewerkt, zich opnieuw aansloten bij Rome.

Deel:
Mogelijk Romeins kamp bij Kynoskefalai

De slag bij de Hondenkoppen (3)

4 juni 2021

[Derde deel van een stuk over de Tweede Macedonische Oorlog, ofwel het conflict tussen het Romeinse legioen en de Macedonische falanx. Het eerste deel was hier.]

Polybios zou meer over de slag hebben kunnen vertellen. Onvermeld blijft het ruitergevecht dat er moet zijn geweest en ook over de olifanten zegt hij weinig. Hij is dan ook vooral geïnteresseerd in de botsing van de Romeinse legioenen, die Afrika hadden veroverd, en de Macedonische falanx, waarmee ooit de Perzen waren verslagen. Wat volgt is een van de beroemdste militaire analyses uit de Griekse letteren: Polybios, Wereldgeschiedenis 18.25-32. De vertaling is van Wolter Kassies.

Deel:
“De melancholieke Romein”: vermoedelijk Flamininus. (Museum van Delfi)

De slag bij de Hondenkoppen (4)

4 juni 2021

[Vierde deel van een stuk over de Tweede Macedonische Oorlog, ofwel het conflict tussen het Romeinse legioen en de Macedonische falanx. Het eerste deel was hier.]

 Ook de andere staten trokken hun conclusies. Ruim een generatie na de slag bij Kynoskefalai, zo rond het jaar 160, hadden de meeste legers afstand genomen van de aloude falanxstrijdwijze en probeerden de generaals te vechten zoals de Romeinen. Het baatte weinig: na Macedonië zouden ook het Seleukidische Rijk en het Ptolemaïsche Egypte bezwijken.

Deel:
Filippos V (Numismatisch Museum, Athene)

De slag bij de Hondenkoppen (1)

4 juni 2021

Toen Hannibal de veldslag bij het Trasimeense Meer had gewonnen, gaf hij zijn manschappen opdracht de wapenrustingen aan te trekken van de gesneuvelde legionairs. Het staat vast dat hij bij een latere veldslag, die bij Zama, zijn soldaten opstelde in de voor de Romeinse legioenen typerende drievoudige slaglinie. Anders gezegd: hij nam aspecten over de Romeinse manier van oorlogsvoering. Die was dan ook superieur, zoals bleek tijdens de Tweede Macedonische Oorlog, waarin de tot dan toe onverslaanbaar geachte Macedonische falanx het onderspit dolf.

In 200 v.Chr. brak voor de tweede keer oorlog uit tussen Rome en Macedonië. Sinds koning Filippos V in 215 een verdrag met Hannibal had gesloten waren de relaties niet al te best en na de Tweede Punische oorlog stuurden sommige Romeinse politici aan op een campagne aan de overzijde van de Adriatische Zee. De grote vraag is waarom zij dat deden. Een vredesverdrag was ook in de Oudheid een vredesverdrag en Filippos had de bestaande overeenkomst niet geschonden.

Deel:
Karthaagse afbeelding van een olifant op een grafstèle (Musée national de Carthage)

Hannibal in de Alpen

31 mei 2021

In het najaar van 218 v.Chr. trok de Karthaagse veldheer Hannibal in vijftien dagen over de Alpen. Het was slechts één deel van één van de vele militaire operaties in de Tweede Punische Oorlog, die op zijn beurt weer deel uitmaakte van een langdurig conflict tussen Karthago en Rome.

Laten we eerlijk zijn: de route die Hannibal over de Alpen nam, is een kwestie van niks. Maar het is wel iets dat tot de verbeelding spreekt. Zeg immers “Karthago” en de mensen denken aan Hannibal. En zeg “Hannibal” en de mensen zien olifanten voor zich die moeizaam trekken door de besneeuwde Alpen. Niet dat er werkelijk veel sneeuw lag, overigens.

Deel:
Berg

Berg, Tongeren en Luik

31 mei 2021

Ik moest voor mijn werk een paar mensen spreken en dat voerde me de afgelopen dagen naar het zuiden. Er zijn vervelendere manieren om te moeten werken. Laat mij na één of twee nachten België terugkeren, en ik heb het gevoel dat het een week vakantie was. Dat was nu dubbel het geval, want hoewel ik als door een wonder vier afspraken in drie opeenvolgende dagen had kunnen organiseren, was er wat tijd over om in Tongeren een bezoek te brengen aan het museum, waar momenteel de expositie “Oog in oog met de Romeinen” is. Bovendien woonden niet alle mensen die ik spreken moest op een per bus te bereiken plek, zodat de fiets mee ging. Wat bij zonnig weer geen ellende is. Kortom, het nuttige liet zich met het aangename combineren en ik geef u hier wat foto’s.

Hierboven het dorpje Berg, even ten oosten van Tongeren. Het is echt een berg, ontdekte ik, maar het kerkje is prachtig en je hebt een al even prachtig uitzicht. Hier is een bekende viergodensteen gevonden, een ooit populair soort reliëf met – u raadt het al – aan vier zijden goden, zoals we ook kennen uit bijvoorbeeld Nijmegen of Parijs. Er is in Berg zelfs een straat naar genoemd. De vondst duidt op de aanwezigheid van een Romeins heiligdom, ongetwijfeld op de plek waar nu de kerk staat, want als de christenen hun kerk niet à la Maria sopra Minerva over de tempel bouwden, was de natuurlijke hoogte een aantrekkelijke plek in zowel de Romeinse tijd als de Middeleeuwen.

Deel:
Categoriën: Lage Landen, Musea
Een aarden wal bij Kanne-Caestert

Ambiorix

29 mei 2021

Cassius Dio was een voorname senator uit de vroege derde eeuw n.Chr., afkomstig uit een van de oostelijke provincies. Hij was geïnteresseerd in geschiedenis en schreef een overzicht van de groei en het (zijns inziens) verval van het Romeinse Rijk. Daarbij behandelde hij ook Julius Caesars verovering van de Lage Landen.

De legioenen hadden Gallië al onder de voet gelopen en waren al overgestoken naar Brittannië toen Caesar in de winter van 54/53 v.Chr. te maken kreeg met een inheemse opstand, aangevoerd door Ambiorix, de vorst van de Eburonen, een stam in de Maasvallei. Diens eerste aanvalsdoel was het pas geformeerde Veertiende Legioen. Het was gestationeerd in Atuatuca, de naam die later gegeven zou worden aan Tongeren. Daar zijn geen Romeinse resten uit die tijd; een alternatief is dat het legioen zich bevond bij Kanne-Caestert, op het Belgische gedeelte van de Sint-Pietersberg, maar dan is het weer wat vreemd hoe de naam zeventien kilometer (een dagreis) kan zijn verplaatst. Enfin, we bevinden ons ergens in de Haspengouw.

Deel:
Reliëf van een antieke zeeslag (Vaticaanse Musea, Rome)

De eerste zeeslag bij Marseille

28 mei 2021

Als ik u zeg dat het 27 juni was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 28 mei 49 v.Chr. op onze kalender, dan vindt u dat een wat flauw intro. Ik kondigde immers gisteren al aan dat u vandaag zou belanden in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En dit keer gaat het eigenlijk niet over Caesar, maar vooral over het beleg van Marseille.

U herinnert zich dat Caesar deze stad voor zich had willen winnen om zijn aanvoerlijnen richting Iberië veilig te stellen. Tijdens de onderhandelingen was Lucius Domitius Ahenobarbus, een generaal in dienst van de Senaat, naar de stad gekomen en hij had alles in staat van verdediging had gebracht. De belegering was begin april begonnen en duurde dus alweer een week of zeven toen de verdedigers een uitval deden. Caesars kolonels, die de belegering voortzetten terwijl hun generaal op weg was gegaan naar Spanje, hadden schepen laten bouwen om te verhinderen dat de belegerden overzee zouden uitbreken. Caesar zelf vertelt, in de vertaling van Hetty van Rooijen:

Deel:
Categoriën: Romeinse Republiek