Olympisch

26 juli 2021

In de jaren negentig van vorige eeuw hield ik me intens bezig met Pindaros, dé zanger van Hellas die voor overwinnaars in de Heilige Spelen zegezangen componeerde. Ik denk niet dat er zich vandaag een dichter geroepen weet om een atleet in Tokio te bejubelen met een ode waarin stam en stad van de sporter worden bezongen en waarin dichter en koor waarschuwen voor de grenzen van geluk, voor hybris dus. De eerste en de derde Olympische Ode schreef Pindaros voor twee Siciliaanse vorsten: Hiëro van Syrakuse die in 476 de paardenren won en Theron van Akragas (Agrigento) die in datzelfde jaar in Olympia zegevierde in de wagenren. De laatste verzen van de twee oden tekenen de dichter uit Thebe ten gronde:

Op wisselende wijze kunnen mensen groots zijn. Maar de hoogste bekroning is weggelegd voor koningen, verder mag je blik niet reiken. Ik wens dat jij je levensdagen doorbrengt op die hoogte en dat ik al die tijd met overwinnaars om mag gaan, beroemd door mijn gedichten in elke gouw van Hellas.

Deel:
Categoriën: Griekenland