Een Numidische ruiter (Musée national des antiquités, Algiers)

Het Numidisch en het Proto-Berber

24 februari 2021

Een ruim jaar geleden – het was ten tijde van de verkiezingen – reisde ik door Algerije en korte tijd daarna door Tunesië. Je loopt er van de ene naar de andere Romeinse stad; er zijn er uit de Maghreb ongeveer 500 bij naam bekend, wat aanzienlijk meer is dan de 60 uit Gallië. Dit was een van de verstedelijkste gebieden uit de oude wereld.

T-steden

Op een gegeven moment viel me op dat ontzettend veel plaatsnamen, zowel antieke als moderne, beginnen met een t-klank. Systeem kon ik er niet in ontdekken. Het kon gaan om een havenstad als Tipasa, om een heuvelfort als Tiddis en om een bronnenheiligdom als Thubursicum, maar ook om steden als Thugga, Tebessa, Thysdrus, Thuburbo Maius, Thagaste en Thamugadi. De /t/ lijkt wel universeel te zijn.

Deel:
Categoriën: Libië en Maghreb

De Numidisch-Karthaagse Oorlog

29 december 2020

In de Tweede Punische Oorlog (218-201) hadden de Romeinen de Karthagers verslagen en het vredesverdrag verbood de verslagenen om zonder toestemming van de Romeinse Senaat ten oorlog te gaan. Dat vormde voor de Romeinse bondgenoot Massinissa van Numidië natuurlijk een uitnodiging om de Karthaagse bezittingen aan te vallen. Ook moesten de Karthagers nog vijftig jaar een schadevergoeding betalen aan de Romeinen. Pas tegen het midden van de tweede eeuw zou Karthago vrij zijn van deze verplichting en tenminste één Romeinse senator, Cato de Oudere, leefde in de veronderstelling dat de voormalige vijand spoedig daarna weer een supermacht zou zijn.

Aanleiding

In 151 v.Chr. verdreven de Karthagers, op voorstel van een zekere Hamilkar de Samniet, veertig pro-Numidische politici. Ze vluchtten naar Kirta, de residentie van Massinissa, het huidige Constantine in Algerije. De Numidische koning stuurde nu zijn zonen Gulussa en Mikipsa naar Karthago, om de stad te vragen de ballingen terug te ontvangen. Het gezantschap had geen succes: nadat de twee prinsen de hoofdstad hadden bereikt, werden ze weggestuurd. Erger nog, Hamilkar en zijn aanhangers vielen Gulussa’s konvooi aan en doodden enkele begeleiders. De Numidiërs konden dit niet over hun kant laten gaan. Een Numidisch-Karthaagse Oorlog was onvermijdelijk.

Deel:
Grafsteen uit Mascula (Algerije), nu in het Amsterdamse Allard Pierson-museum

Numidische grafstèle

11 november 2020

Vandaag een Algerijnse inscriptie, dit keer uit Mascula (het huidige Khenchela), die ik fotografeerde in het Amsterdamse Allard Pierson-museum. Deze stèle is zo’n tweehonderd jaar jonger. Terwijl de vorige inscriptie een Romein of een Italiaan documenteerde die in het Punisch een lokale godheid aanbad, is dit keer de godheid geromaniseerd. Hij is bovenaan afgebeeld: dit is Saturnus. De aloude Baal-Hammon, de heerser van het dodenrijk, had een nieuwe naam aangenomen, ongeveer zoals in Gallië de god Lug zich was gaan tooien met de naam Mercurius.

De inscriptie is grappig omdat hij tweemaal lijkt te zijn opgenomen in de Epigraphik-Datenbank Clauss & Slaby (en wel onder de nummers EDCS-46400229 en EDCS-18300278. De tweede geeft de volledige tekst:

Deel: