Het mogelijke graf van Nikolaas in Myra

Wie was Nikolaas van Myra? (3)

5 december 2020

Vrijwel niets in uit de legende (zie vorige aflevering) is origineel, en – erger nog – er zijn vooral niet-christelijke parallellen. In de vroege derde eeuw schreef de Griekse belletrist Filostratos een vie romancée van de Pythagorese wijze Apollonios, afkomstig uit het niet heel ver van Myra gelegen Tyana. Ook deze leeft een kuis leven (uniek in de heidense wereld), schenkt zijn bezittingen weg, zorgt ervoor dat een verarmd heerschap zijn vier dochters een bruidsschat kan meegeven, intervenieert in rechtszaken, redt een ter dood veroordeelde en bezit het vermogen der bilocatie.

Sommige geleerden meenden dat over de echte Nicolaas van Myra niets meer te weten viel. Dat was bijvoorbeeld de mening van de Duitser Gustav Anrich, die in 1913 en 1917 een boek publiceerde, Hagios Nikolaos, waarin hij geen spaan heel liet van de historische Nicolaas. Toch valt daar wel wat op af te dingen. Aan het begin van de twintigste eeuw waren veel geleerden in de ban van wat later “hyperskepsis” werd genoemd: een doorgeschoten vorm van kritiek, ingegeven door het idee dat geschiedenis pas een wetenschap is als ze elk romantisch idee opoffert.

Deel:

De mantel van Martinus

14 november 2020

Ik ken meneer Hagenaars uit Diemen niet. Hij is de auteur van de bovenstaande brief, die vrijdag te lezen viel in Trouw. Hij legt uit dat Martinus van Tours de helft van zijn mantel aan de armen gaf omdat hij soldaat was en de helft van zijn mantel eigendom was van Rome. Door een halve cape te geven, gaf hij zijn hele bezit.

Een van de vaste gebruikers van de reageerpanelen van deze blog legde de brief aan me voor. Hij had hier nog nooit van gehoord, geloofde ik het?

Deel:

Martinus van Tours (Sint-Maarten)

11 november 2020

Dat niet alle christelijke heiligen bescheiden personen waren, wordt geïllustreerd door Martinus van Tours. Sint-Maarten, zoals u hem kent, nam zelf een biograaf in dienst om zijn heiligenleven schrijven. Je zou je ergeren aan Sulpicius Severus’ Leven van de heilige Martinus  als de tekst niet zo interessant was. Martinus was namelijk bepaald geen kwezel.

Het verhaal van de mantel

Hij begon zijn loopbaan bij de Romeinse cavalerie en was achttien toen hij zich in 335 bekeerde tot het christendom. Dat gebeurde, zo lezen we, nadat hij bij de stadspoort van Amiens een naakte man had zien zitten, die door iedereen werd genegeerd. Het was hartje winter.

Deel: