De grote moskee van Kairouan

De Arabisering van de Maghreb

22 juni 2021

Een tijdje geleden kreeg ik een vraag naar de arabisering van de Maghreb. Anders gezegd: waarom zijn de mensen in het noordwesten van Afrika Arabisch gaan spreken? Vroeger spraken ze immers Latijn en daarvoor woonden er mensen die een taal spraken die ik gemakshalve Numidisch zal noemen. Ook zijn er nog Berbers. Kortom, hoe zit het?

Ik ben geen arabist en elk antwoord dat ik geef moet met een korreltje zout worden genomen. Ik denk echter dat ik wel een paar factoren kan noemen.

Deel:
Categoriën: Islam
Deze foto van een op Sicilië geslagen Karthaagse munt is niet helemaal scherp, maar dit is duidelijk een savanne-olifant.

Olifanten en olifanten

3 februari 2021

In zijn beschrijving van de slag bij Rafia (217 v.Chr.) vertelt de Griekse historicus Polybios dat de Indische olifanten uit het Seleukidische leger effectiever zouden zijn geweest dan de krijgsolifanten in het Ptolemaïsche leger, omdat die kleiner waren. Dat is een wat vreemde constatering, aangezien de Afrikaanse olifant (Loxodonta africana) groter is dan de Indische (Elephas maximus indicus). Al sinds de jaren vijftig lossen oudhistorici deze kwestie op met de aanname dat de Ptolemaiën gebruik maakten van de Afrikaanse bos-olifant (Loxodonta cyclotis), die inderdaad kleiner is.

Dan moet de bos-olifant natuurlijk wel bereikbaar zijn geweest voor de Ptolemaiën. De aanname was dat dit beest, dat tegenwoordig vooral leeft in het tropisch regenwoud van bijvoorbeeld Kameroen, destijds ook voorkwam in Eritrea en Soedan, waar de Ptolemaiën hun olifanten vandaan haalden. Deze aanname valt nu te testen door naar het mitochondriaal DNA te kijken.

Deel:
Beeld van een hond uit Volubilis (Museum van Rabat)

Isidorus’ Etymologieën

16 november 2020

Isidorus van Sevilla (ca. 560-636) is weliswaar al ruim 400 jaar heilig, maar dat hij het in 2000 nog tot officiële beschermheilige van het Internet zou brengen had hij toch waarschijnlijk niet voorvoeld. Die functie heeft hij overigens te danken aan de twintigdelige encyclopedie die hij onder de titel Etymologieën publiceerde. Die naam is echt veel te beperkt, want Etymologieën is een heuse encyclopedie, waarin Isidorus over duizenden onderwerpen zijn licht laat schijnen. Maar van de meeste onderwerpen geeft hij inderdaad ook de etymologie.

Nou ja: hij geeft wat men in de Oudheid onder etymologie verstond. Want het element etymo– betekent zoveel als ‘waar, echt’. In de Oudheid ging de etymologie op zoek naar de echte betekenis van een woord, en die kon je vaak, zo meende men, opsporen door de vorm van dat woord te analyseren. Anders gezegd: de vorm van een woord is de sleutel tot zijn ware betekenis. Waarom luidt het Latijnse woord voor vriend amicus? Omdat een ware vriend een animi custos is, een ‘bewaker van je hart’. Waarom heet een raam fenestra? Omdat het fert extra: ‘(ons) naar buiten brengt’. En mijn persoonlijke favoriet: waarom noemen we een canis (hond) eigenlijk canis? ‘Canis a non canendo’, weet Isidorus: een hond heet canis omdat het beest ten diepste ‘niet zingt’.

Deel:
Categoriën: Post-Romeins
Volubilis

Waarom oudheidkunde?

11 november 2020

Ik ken iemand die in Marokko de ruïnes bezocht van de Romeinse stad Volubilis, en een jaar later stond bij de Muur van Hadrianus. “Romeinen hier en Romeinen daar,” constateerde hij, en vroeg zich af: “Hoe zit dat?”

Oudheidkunde begint, zoals elke hobby of wetenschap, met verbazing, en verbazing zal er altijd blijven voor wie zich met de Oudheid bezighoudt. Je vraagt je af hoe de gedachte bij Eukleides kon post vatten dat iets bewezen kon zijn als je kon aantonen dat het tegendeel leidde tot inconsistenties. Je vraagt je af hoe de contrapposto werd ontdekt. Je verbaast je over de Macedonische soldaten die Alexander volgden, helemaal tot in Pakistan. De liefhebber van de Oudheid heeft steeds opnieuw de aangename sensatie iets niet te begrijpen, de geruststelling dat dat totaal niet erg is en de zekerheid dat ergens nog veel meer schitterends ligt te wachten om te worden ontdekt.

Deel: