De grot van de Zevenslapers, Efese

De Profeet aan het werk

11 december 2020

Drie eeuwen slapen. En dan wakker worden en terugkeren naar je moederstad – een reis naar de toekomst, zogezegd. En de verbaasde burgers willen pas op grond van harde bewijzen geloven dat je écht ‘uit het verleden‘ bent gekomen. Dat is de kern van het 1500 jaar oude verhaal van de ‘Slapers van Efese’. Het heeft iets van een detective, van Sciencefiction, en mag daarom gerust uniek worden genoemd.

Wanneer en waar dit verhaal precies is ontstaan, weten we niet. De oudste teksten dateren in elk geval van rond AD 500 maar het is ongetwijfeld ouder. Het is waarschijnlijk ontstaan in Syrië, en geschreven in het Syrisch-Aramees . Maar het verhaal werd al spoedig vertaald in het Grieks, Latijn en nog meer talen. In totaal zijn zo’n tweehonderd versies bewaard gebleven (waarvan de helft in het latijn, maar dat is waarschijnlijk een onderzoek bias), wat erop duidt dat het verhaal immens populair moet zijn geweest. Ook Mohammeds volgelingen kenden het en Mohammed besteedde er uitgebreid aandacht aan. Dat wil zeggen, hij gaf er een persoonlijke draai aan die ons iets vertelt over hoe hij zijn volgelingen wist te boeien en aan zich wist te binden.

Deel:
De basiliek van Resafa

Soldaten in de hemel?

27 november 2020

Het gebeurde in de zomer van het jaar 624. Keizer Heraclius vocht toen al veertien jaar tegen de Perzen, met wisselend succes. De Perzen hadden Syrië, Palestina en Egypte veroverd en waren diep doorgedrongen in Klein Azië. Heraclius kon hen nauwelijks tegenhouden maar hij was niet van plan op te geven. Hij voerde een gedurfd plan uit: hij formeerde een klein maar goed getraind leger en voer daarmee naar de oostkust van de Zwarte Zee, naar Armenië. Daar startte hij een guerrilla-oorlog tegen de Perzen. In de zomer van 624 besloot hij dat ze Perzië zélf zouden binnenvallen. En in zijn peptalk tot zijn soldaten zou toen hij het volgende hebben gezegd:

Het gevaar is niet zonder beloning. Integendeel, het leidt tot eeuwig leven. Laat ons dapper standhouden, en de Heer onze God zal ons bijstaan en de vijand vernietigen.

Deel:
Drie Romeinse ringen uit Dab'aal bij Tyrus (Nationaal Museum, Beiroet)

Ringcompositie

16 november 2020

Een “ringcompositie” is een manier om een tekst te ordenen, waarbij de gedachtegang niet serieel wordt geordend (zoals in A-B-C-D-E) maar in ringen rondom een middendeel: A-B-C-D-C-B-A. De ringcompositie is als analysegereedschap onder geesteswetenschappers al vanaf de achttiende eeuw bekend, toen Robert Lowth in 1754 de beginselen beschreef in een boek over Hebreeuwse poëzie. Na Lowth zijn er geleerden geweest die de theorie van de ringcompositie hebben uitgebreid, vooral in discussie met de veel populairdere theorieën over de documentenhypothese: het idee dat de Bijbel uit verschillende documenten is samengesteld en dat dit is te herkennen aan eigenaardigheden in de tekst, zoals onnodige herhalingen, onbegrijpelijke sprongen, weglatingen en gebruik van terminologie. Als een “samengesteld” stuk tekst blijkt een doordachte (ring)compositie te hebben, komt die samenstelling op losse schroeven te staan, vandaar de belangstelling voor ringcomposities.

Deze discussie geldt inmiddels als achterhaald, omdat tegenwoordig vrijwel iedereen aanneemt dat de Bijbel is begonnen als een verzameling documenten die op enig moment, of op meerdere momenten, is geredigeerd tot de huidige tekst. De redactiecommissies zijn daarbij echter niet over één nacht ijs gegaan en hebben ervoor gezorgd dat het resultaat wel degelijk een net gecomponeerde tekst was, ringcomposities incluis.

Deel:

De vier families van de Koran

15 november 2020

Ik heb al vaker geblogd over de Lachmannmethode: de methode waarmee de vervaardigers van een tekstuitgave door middel van schrijffouten of afwijkende spellingen een stamboom (“stemma”) opstellen om een tekst te reconstrueren die zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke tekst komt. Die gereconstrueerde tekst heet het archetype. Daarnaast heb ik al geblogd over de bestudering van heel oude Korans, waarvan sommige onwaarschijnlijk vroeg zijn gedateerd. Twee onderwerpen die me boeien dus. Daarom was ik blij afgelopen zondag in Leiden een lezing te kunnen bijwonen van taalkundige Marijn van Putten, die allebei de onderwerpen behandelde. Dat ik aanwezig kon zijn, stemt tot dankbaarheid, want door de corona-maatregelen konden er maar veertien toehoorders zijn.

Vier oer-Korans?

Van Putten legde het traditionele verhaal uit. In 632 overleed Mohammed, waarna kalief Abu Bakr de openbaringen liet opschrijven. Zestien jaar later, rond 650, liet kalief Othman een standaard-Koran maken: vier exemplaren voor de vroeg-islamitische steden Medina, Basra, Koefa en Damascus. Alle Korans gaan, volgens de traditie, terug op dit viertal.

Deel: