Je ziet het gelijk: geen ú maar lu

Er staat geen ú maar lu

29 april 2021

Er staat dus geen ú maar lu. U begrijpt, zoiets belangrijks, dat schrijf ik niet lichtvaardig. We hebben het over het kleitablet dat bekendstaat als ABC 7, een van de bekendste kronieken uit het oude Nabije Oosten. Meer precies: de zevende kroniek uit het boek met Assyrian and Babylonian Chronicles dat A.K. Grayson in 1975 uitgaf. Kroniek 7 beschrijft de regering van koning Nabonidus van Babylonië, die in 539 v.Chr. de macht moest overdragen aan de Perzische veroveraar Cyrus de Grote.

Die maakt in deze kroniek zijn opwachting april 547 v.Chr. De koning van Babylonië verblijft dan in de oase van Tayma (waarover ik al eens blogde), ’s konings moeder overlijdt, ’s konings zoon Belsazar gaat drie dagen in rouw, en dan komt het: Cyrus steekt de rivier de Tigris over en gaat in mei op weg naar een vreemd land. Daar doodt hij de koning en rooft hij een schat. De hamvraag is waar dat was. Hier doet zich een probleem voor dat zich altijd voordoet bij antieke teksten: daar waar de cruciale informatie moet staan, is een kras of een breuk of scheur of iets anders. Altijd.

Deel:
Categoriën: Anatolië, Babylonië, Perzië
Koning Maništušu van Akkad; kopie van een in de Ištartempelk in Nineveh gevonden portret. Het origineel is in Bagdad; deze kopie komt uit het British Museum in Londen.

Mesopotamië in het derde millennium

26 maart 2021

In mijn reeks naar aanleiding van het handboek waarmee ik ooit oude geschiedenis leerde, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, vandaag een stukje over het derde millennium in het Nabije Oosten. De verdeling die de auteurs aanbrengen in paragrafen over enerzijds Egypte en anderzijds de Sumeriërs en Akkadiërs – dat is een erfenis uit de tijd dat oudheidkundigen alleen deze twee culturen kenden en dan vooral uit teksten.

Het plaatje is nu helemaal anders. De archeologie documenteert de Vroege Bronstijd in een veel grotere regio. De handel in tin zorgde voor contacten en ideeënuitwisseling, waardoor netwerken ontstonden van Oezbekistan tot Mesopotamië en van de Atlantische kusten tot Egypte. Jiroft is een belangrijke nederzetting in Iran en het BMAC is een van de fascinerendste beschavingen die is herkend sinds De Blois en Van der Spek de eerste versie van hun handboek naar de drukker brachten. De nadruk die zij leggen op de twee traditionele “oerculturen” is niet verkeerd – die twee culturen schreven tenminste – maar ik vermoed dat als ze hun boek nu zouden opzetten, ze één hoofdstuk zouden maken waarin het geheel van culturen zou worden behandeld.

Deel:
Categoriën: Assyrië, Babylonië, Sumerië
Een kleitablet uit het NINO: een lijst met beroepen uit de vierentwintigste eeuw v.Chr.

Oude tabletten, nieuwe technieken

17 november 2020

Het Nederlands Instituut voor het Nabije Oosten (NINO) heeft een collectie van zo’n 3000 kleitabletten, rolzegels, lemen kegels, die in bijvoorbeeld Uruk werden gebruikt om mozaïeken op muren mee te maken, en nog diverse andere objecten: de Liagre Böhl collectie, vernoemd naar F.M.T. de Liagre Böhl. Deze Leidse professor in de assyriologie, van 1939 tot 1955 aan het NINO verbonden, bouwde de collectie op in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw.

Op 3 juli jl. werd er in het Rijksmuseum van Oudheden onder leiding van prof.dr. Caroline Waerzeggers een serie korte presentaties gegeven over onder meer het catalogiseren van de voorwerpen en het scannen van kleitabletten.

Deel:
Contract uit Shuruppak (Louvre, Parijs)

Sumerisch contract

11 november 2020

Shuruppak gold in Mesopotamië als een van de oudste steden ter wereld, gesticht vóór de Zondvloed. De archeologische vondsten gaan inderdaad heel, heel ver terug. Zo dateert het bovenstaande kleitablet, geschreven in het Sumerisch en tegenwoordig te bewonderen in de rustige oud-oosterse afdeling van het Louvre, uit de zevenentwintigste eeuw v.Chr.: de tijd waarin in Egypte de derde dynastie de eerste piramiden bouwde en waarin in onze contreien de mensen van de Vlaardingencultuur aarzelden tussen nomadisch en sedentair leven. In Engeland besloten de bouwers van het tot dan toe houten Stonehenge dat het leuk zou zijn het monument opnieuw op te trekken uit steen.

Terug naar het kleitablet: dat bevat een administratieve tekst. Er wordt een huis (oppervlak: 54 m²) met een slaaf verkocht. Onderaan staan de getuigen vermeld die instaan voor de eerlijke verkoop. Het zou nog even duren voor de mensen het document zélf, voorzien van twee zegels of handtekeningen, zouden gaan beschouwen als bewijs voor de overeenkomst: in de Oudheid waren getuigen nog heel belangrijk.

Deel:
Categoriën: Musea, Sumerië