Zonsopkomst in Isthmia

Waren de Romeinen kleurenblind?

17 februari 2021

Iedereen die Homerus heeft gelezen, weet dat de zee ‘wijnkleurig’ wordt genoemd en zal zich afgevraagd hebben: hoe kan de zee de kleur van wijn hebben? Ook het andere kleurenspectrum kan op het eerste gezicht vreemd lijken: er is geen duidelijk woord voor ‘blauw’, en dingen die voor ons verschillende kleuren hebben, worden met dezelfde kleur aangeduid. Hetzelfde geldt voor de Romeinen. Dit heeft geleid tot de wijdverbreide overtuiging in de negentiende eeuw dat de Grieken en Romeinen gedeeltelijk kleurenblind waren. Dat zegt bijvoorbeeld Nietzsche:

Wie anders sahen die Griechen in ihre Natur, wenn ihnen, wie man sich eingestehen muß, das Auge für Blau und Grün blind war, und sie statt des ersteren ein tieferes Braun, statt des zweiten ein Gelb sahen (wenn sie also mit gleichem Worte zum Beispiel die Farbe des dunklen Haares, die der Kornblume und die des südländischen Meeres bezeichneten, und wiederum mit gleichem Worte die Farbe der grünsten Gewächse und der menschlichen Haut, des Honigs und der gelben Harze: so daß ihre größten Maler bezeugtermaßen ihre Welt nur mit Schwarz, Weiß, Rot und Gelb wiedergegeben haben). (Nietzsche, Morgenröte)

Deel:
Homerus (Glyptothek, München)

De zeerover Odysseus

27 januari 2021

De klassiekste aller klassieke auteurs is natuurlijk Homeros, wiens Ilias en Odyssee ruim een millennium dé centrale tekst waren voor eenieder die een beetje geschoold was. In feite vormen deze teksten een esthetische norm die wij geïnternaliseerd hebben, zodat wij eigenlijk niet anders kunnen dan de gedichten mooi vinden. Er zijn dan ook talloze vertalingen.

Soms delen we Homeros’ ethische normen. Dat privilege verplicht, is iets dat zijn Lykische krijgers elkaar voorhouden, en is iets waaraan de adel zich eeuwenlang heeft gespiegeld – en door anderen werd gespiegeld. Soms denken we heel anders over dingen. Hieronder is Odysseus aan het woord, die begint te vertellen hoe hij na de verwoesting van Troje begon aan een lange zwerftocht:

Deel:
Categoriën: Bron, Griekenland
Tags: ,
Homerus (Glyptothek, München)

Waarom een Griekse dactylus wel serieus is en een Nederlandse niet

22 januari 2021

Een eenvoudige ritmische wet is dat de driekwartsmaat licht is en de twee- of vierkwartsmaat zwaar. In de muziek is een driekwartsmaat een wals en een vierkwartsmaat een mars. In de Nederlandse poëzie hebben veel lichtere genres een onderverdeling in drieën: van de limerick (een vrólijke mán te Den Dúngen) tot en met het zogeheten ollekebolleke (‘Éven uw áándacht graag / Kórte beríchtgeving / Óndergenóémde / Is níét meer in bééld’): ze walsen de tent uit. Serieuze gedichten worden geschreven in regelmatige afwisseling van beklemtoonde en onbeklemtoonde lettergrepen.

Ik denk dat dit een factor is waarom Nederlandse vertalingen van Homeros of Vergilius of dat soort lieden in dactylische vorm vaak zo moeizaam zijn. Een dactylus is támtata in het Nederlands en dus een driekwartsmaat. Dat ligt niet lekker voor een hoogdravende tekst zoals een epos. Veel vertalers hebben daarom een jambische maat verkozen. Men zegt dat dit gebeurt omdat dit ‘nu eenmaal’ beter in het gehoor legt, maar waarom dat gehoor dan zoveel beter reageert op die jamben dan op dactyli, dat zegt men er dan weer niet bij. Ik denk dat die driekwartsmaat er iets mee te maken hebben.

Deel:
Categoriën: Griekenland

Hoplieten

17 januari 2021

Misschien moet ik eens een reeksje beginnen over typische antieke begrippen die steeds blijven terugkeren, hoewel er eigenlijk prima Nederlandse woorden voor zijn. Zoals de “hopliet”. In onze eigen taal kun je zo iemand prima aanduiden als een zwaarbewapende. Er zijn weinig situaties waarin het nodig is veel specifieker te zijn.

We hebben het over de Griekse soldaten uit de archaïsche en klassieke tijd, dus laten we zeggen tussen 800 en 300 v.Chr. Ze droegen een groot, zwaar schild (de aspis), een helm, harnas, scheenplaten, een zwaard en een speer. Hun gevechtslinie heet een falanx: lange rijen dicht op elkaar gepakte soldaten, waarbij elke hopliet zijn schild aan zijn linkerkant zó droeg dat hij de rechterkant van de man links van hem dekte.

Deel:
Categoriën: Griekenland

Homerische Tolstoj

19 december 2020

In het najaar herlas ik in de oude vertaling van René de Vries het magistrale epos Oorlog en vrede, een Russische Ilias. Tolstoj voelde zich verwant aan Europa’s eerste dichter, plaatste zijn helden tegen de achtergrond van de Napoleontische expeditie en gaf ze stereotiepe fysieke kenmerken mee die fungeren als epitheta. Aan Homeros doen ook de vele vergelijkingen denken. Verhoudingsgewijs bevatten de duizend bladzijden Oorlog en vrede slechts een fractie van wat de homerische epen aan vergelijkingen bieden, maar ook bij Tolstoj verklaren en verfraaien die vergelijkingen de gedachten en het verhaal.

Een paar jaar geleden stelde ik uit mijn vertalingen van Ilias en Odyssee een tweetalige selectie samen van wat ik graag Homerische miniaturen noem. Bij de Rus gaat het niet altijd om miniaturen. Wie het summum van een Tolstojaanse vergelijking wil lezen moet naar III.3.20 waar een bladzijde (!) lang de leegloop van Moskou bij de aankomst van Napoleon wordt vergeleken met een zieke bijenkorf. Een bedoelde pendant daarvan is in IV.4.14 de terugkeer van de Russen naar Moskou na Napoleons vertrek. De vergelijking met een bedrijvig mierennest is nog steeds goed voor een halve pagina.

Deel:
Categoriën: Griekenland
Tags:

Homerische Nobelprijs

4 december 2020

Ik moet bekennen dat ik van de laatste Nobelprijs Literatuur nog niets had gelezen. En velen met mij, vermoed ik. Afgezien van een paar verzen die Erik Menkveld ooit voor Raster vertaalde, is er van Louise Glück in het Nederlands vooralsnog weinig te lezen. Na lectuur weet ik nu dat voor het nachleben van de Odyssee een bundel als Meadowlands (1996) minstens even belangrijk is als Siren Song van Atwood of Ithaka van Kaváfis. Glück gebruikt Homeros niet als sausje over haar verzen, zij thematiseert de man-vrouwverhouding met hedendaagse accenten vanuit diverse standpunten, vertolkt door figuren uit het oude epos die zij als ik-figuren laat spreken. Zo vormen de zeven Telemachosgedichten een sterke suite verspreid over de bundel. Een van de meest beklemmende pointes zijn de woorden van Kirke tot Odysseus en die bedoeld zijn voor Penelope: When / you see her again, tell her / this is how a god says goodbye: / if I am in her head forever / I am in your life forever. (46) Andere ‘antieke’ bundels van Glück zijn o.m. The Triumph of Achilles (1985) en Averno (2006). Over de grote plas werd Glück veel gelauwerd, en het blijft vreemd dat zelfs de Pulitzer 1993 voor The Wild Iris in onze contreien weinig teweegbracht. Maar een mens is nooit te oud om bij te lezen.

[Oorspronkelijk verschenen op de eigen blog van Patrick Lateur.]

Deel:
Categoriën: Griekenland
Drie Romeinse ringen uit Dab'aal bij Tyrus (Nationaal Museum, Beiroet)

Ringcompositie

16 november 2020

Een “ringcompositie” is een manier om een tekst te ordenen, waarbij de gedachtegang niet serieel wordt geordend (zoals in A-B-C-D-E) maar in ringen rondom een middendeel: A-B-C-D-C-B-A. De ringcompositie is als analysegereedschap onder geesteswetenschappers al vanaf de achttiende eeuw bekend, toen Robert Lowth in 1754 de beginselen beschreef in een boek over Hebreeuwse poëzie. Na Lowth zijn er geleerden geweest die de theorie van de ringcompositie hebben uitgebreid, vooral in discussie met de veel populairdere theorieën over de documentenhypothese: het idee dat de Bijbel uit verschillende documenten is samengesteld en dat dit is te herkennen aan eigenaardigheden in de tekst, zoals onnodige herhalingen, onbegrijpelijke sprongen, weglatingen en gebruik van terminologie. Als een “samengesteld” stuk tekst blijkt een doordachte (ring)compositie te hebben, komt die samenstelling op losse schroeven te staan, vandaar de belangstelling voor ringcomposities.

Deze discussie geldt inmiddels als achterhaald, omdat tegenwoordig vrijwel iedereen aanneemt dat de Bijbel is begonnen als een verzameling documenten die op enig moment, of op meerdere momenten, is geredigeerd tot de huidige tekst. De redactiecommissies zijn daarbij echter niet over één nacht ijs gegaan en hebben ervoor gezorgd dat het resultaat wel degelijk een net gecomponeerde tekst was, ringcomposities incluis.

Deel:
Friedrich August Wolf en Homeros

Friedrich August Wolf en Homeros

12 november 2020

Onlangs ontdekte ik dat ik nog nooit werkelijk had geblogd over de Duitse classicus Friedrich August Wolf (1759-1824). Dat moet rap veranderen. Hij was namelijk de grondlegger van de wetenschappelijke bestudering van de klassieke talen, niets minder.

De ijverige student

Wolf bouwde voort op Winckelmann en Gibbon, maar anders dan zij was hij een academische insider. Hij had in Göttingen, destijds de beste universiteit ter wereld, gestudeerd bij Winckelmanns vriend Christian Gottlieb Heyne. Daar was Wolf als student al opgevallen door zijn kritische houding en plichtsbetrachting. Zo zou hij ’s nachts zijn voeten in ijskoud water hebben gestoken en een ooglid kunstmatig geopend hebben gehouden om geen tijd te verliezen aan slaap.

Deel:
Priamos en Achilleus (Nationaal Museum, Kopenhagen)

Cynische grap

11 november 2020

Dit is een van de twee Hoby-bekers, gemaakt door een Griekse zilversmid die Cheirisofos heette. Het voorwerp wordt stilistisch gedateerd in de eerste eeuw v.Chr. De afgebeelde scène is afkomstig uit het laatste boek van de Ilias: koning Priamos van Troje bezoekt Achilleus om het stoffelijk overschot van zijn zoon terug te kopen. Er is een tweede beker waarop is te zien hoe de held Filoktetes, die een lelijke slangenbeet heeft opgelopen, wordt behandeld. Elco Brinkman zou dit edelsmeedwerk hebben aangeduid als “topkunst”.

Het leuke is de vindplaats waarnaar de bekers zijn vernoemd: het dorpje Hoby op het Deense eiland Lolland. Daar heeft archeoloog Knud Friis Johansen ze in 1920 aangetroffen in het graf van een ongeveer dertig jaar oude Germaanse krijger. Ze zijn nu te zien in het Nationale Museum in Kopenhagen, dat een van de beste oudheidkundige collecties ter wereld bezit en een reis naar Denemarken waard is. Serieus.

Deel: