Een murmillo (Efese)

Het is niet altijd een gladiator (2)

18 januari 2021

Zoals in het eerste stukje beschreven, voorzien de media archeologische vondsten vaak van slagzin-achtige koppen, omdat dat die de vondsten interessanter maken voor het brede publiek. Gladiatoren zijn een dankbaar thema. In het vorige stukje kwam een vrouwelijke gladiator uit Londen aan bod die geen gladiator bleek te zijn.

De onthoofde Romeinen uit York

In 2004 en 2005 vonden opgravingen plaats in York, vlakbij het spoorwegstation. Net als in Londen vond men een begraafplaats langs een Romeinse weg naar de stad, in dit geval naar Eboracum, het Romeinse York. Dit keer trokken vooral de graven van onthoofde mannen de aandacht.

Deel:
Gladiatorengevecht (Römisch-Germanisches Museum, Keulen)

Het is niet altijd een gladiator (1)

17 januari 2021

De media introduceren archeologische vondsten vaak met slagzin-achtige koppen, omdat die de vondsten interessanter zouden maken voor het brede publiek. Dit gebeurt vooral  als de archeologen geen duidelijk antwoord hebben op wat de vondst eigenlijk voorstelt, bijvoorbeeld omdat de vondstcontext daarvoor onvoldoende aanwijzingen biedt. Door ze te voorzien van een interessante kop krijgen de media een goed en lezenswaardig verhaal.

Heel populair zijn gladiatoren. Twee voorbeelden uit opgravingen in Engeland tonen hoe de media vondsten als ‘gladiator’ bestempelden,  terwijl in feite onduidelijk is wat deze vondsten voorstellen.

Deel:
Vindolanda-tablet 291 (©Wikimedia Commons | User Fæ)

Verjaardagsfeestje

23 november 2020

Vindolanda was een Romeins legerkamp (castra) bij de muur van Hadrianus (Engeland). Oorspronkelijk bestond het kampement uit houten gebouwen (de eerste versie stamt uit ca. 85), maar in de tweede eeuw werd het fort verstevigd tot een permanente nederzetting met stenen gebouwen. Naast het kamp ontstond een dorp met allerlei voorzieningen, waaronder een badhuis en een hotel (mansio), en uit inscripties blijkt dat dit deze nederzetting een eigen bestuur had en Vindolanda heette (geen Latijnse naam).

Omstreeks het jaar 100 -de muur van Hadrianus was toen nog niet gebouwd en ook van het dorp was nog geen sprake- werd het fort bewoond door ongeveer 1000 Bataafse huurlingen onder het bevel van de prefect Flavius Cerealis. In de resten van zijn hoofdkwartier (praetorium) werd in 1973 een grote hoeveelheid schrijfplankjes gevonden, die handgeschreven correspondentie bevatte. Hierdoor weten we veel van het dagelijkse leven in het kamp. De Vindolanda tabletten behandelen militaire en administratieve zaken, maar ook persoonlijke correspondentie.

Deel:
Volubilis

Waarom oudheidkunde?

11 november 2020

Ik ken iemand die in Marokko de ruïnes bezocht van de Romeinse stad Volubilis, en een jaar later stond bij de Muur van Hadrianus. “Romeinen hier en Romeinen daar,” constateerde hij, en vroeg zich af: “Hoe zit dat?”

Oudheidkunde begint, zoals elke hobby of wetenschap, met verbazing, en verbazing zal er altijd blijven voor wie zich met de Oudheid bezighoudt. Je vraagt je af hoe de gedachte bij Eukleides kon post vatten dat iets bewezen kon zijn als je kon aantonen dat het tegendeel leidde tot inconsistenties. Je vraagt je af hoe de contrapposto werd ontdekt. Je verbaast je over de Macedonische soldaten die Alexander volgden, helemaal tot in Pakistan. De liefhebber van de Oudheid heeft steeds opnieuw de aangename sensatie iets niet te begrijpen, de geruststelling dat dat totaal niet erg is en de zekerheid dat ergens nog veel meer schitterends ligt te wachten om te worden ontdekt.

Deel:
Paardenbeslag uit Ewijk (Valkhof, Nijmegen)

De ondergang van het Negende

11 november 2020

Na de dood van keizer Trajanus in 117 was het zo onrustig aan de grenzen van het Romeinse Rijk dat in Schotland een compleet legioen werd vernietigd, het VIIII Hispana. Dat is althans de premisse van het geweldige jeugdboek The Eagle of the Ninth van Rosemary Sutcliff. Ze vertelt hoe een jonge Romeinse officier die door een verwonding geen dienst meer kan doen, op zoek gaat naar het veldteken van het Negende Legioen Hispana, de adelaarstandaard, en dit uiteraard ook vindt. Ik heb De adelaar van het Negende als kind verslonden.

Suttcliffs idee dat de eenheid rond 117 is vernietigd door de stammen in het huidige Schotland was in de tijd dat ze het schreef, 1954, de gebruikelijke verklaring voor het feit dat het legioen niet meer in Brittannië wordt vermeld na de regering van Trajanus. In 108 was het nog gestationeerd in York; in 122 vinden we daar VI Victrix.

Deel: