Opus africanum

16 januari 2022

De Punische resten bij Marsala

Even een stukje over muren. Want waarom zou je ook niet over muren schrijven? Zoals die hierboven, die in Marsala is te zien, vlakbij het archeologisch museum. De bouwwijze van de muur links staat bekend als opus Africanum, “Afrikaans werk”, en ik heb niet kunnen achterhalen of dat Romeins Latijn is. Het kan ook Neo-Latijn zijn, dat in de Oudheid nog niet deze betekenis had, zoals lorica segmentata en terra sigillata.

Deel:
Categoriën: Fenicië en Karthago
Beeld van een Fenicische magistraat (Nationaal Museum, Beiroet)

Fenicië als doorgeefluik

3 november 2021

Beeld van een Fenicische magistraat (Nationaal Museum, Beiroet)

Ik ben nu al een tijdje bezig met een reeks over het handboek waarmee ik in het eerste semester van mijn eerste jaar aan de universiteit, 1985, oude geschiedenis kreeg onderwezen: Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek. De politieke geschiedenis van de Bronstijd van het Nabije Oosten hebben we inmiddels gehad en de afgelopen weken kreeg u er nog een stortvloed aan Mesopotamië bij, plus een bespreking van het boek van Van De Mieroop.

Deel:
Categoriën: Nog te categoriseren
Fenicische stadstoren in Byblos

Byblos in verval

17 september 2021

“Kleine staten”, zo lees ik in Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, “konden profiteren van de verzwakking van de grote mogendheden”. De auteurs hebben het over de eeuwen na de verzameling problemen die we aanduiden als de Zeevolken-crisis. De Bronstijd kwam ten einde, de IJzertijd begon.

De stadstaten in Syrië werden weer zelfstandig, hoewel er zich soms nieuwe bewoners gevestigd hadden. In sommige stadstaten heersten vorstenhuizen van Hethitische origine (bijvoorbeeld in Karkemiš). Wij noemen deze rijkjes neo-Hethitische vorstendommen. In andere steden kwamen Aramese dynastieën aan de macht.

Deel:
De mythe van Ba’al en Mut uit Ugarit (Louvre, Parijs)

Filon van Byblos

17 juni 2021

In de eerste helft van de tweede eeuw n.Chr. publiceerde een zekere Filon van Byblos een Geschiedenis van Fenicië. Het werk, dat gebaseerd zou zijn op een ouder overzicht van de oosterse mythologie van een zekere Sanchuniathon, is vrijwel geheel verloren gegaan, maar wordt geciteerd door auteurs als Porfyrios en Eusebius. Als Filon werkelijk toegang heeft gehad tot een overzicht van Fenicische mythen, bieden die fragmenten waardevolle informatie over de Kanaänitische religie. Hier hebben we de verhalen van de priesters van Ba’al waartegen de bijbelse profeten het opnamen.

Gruppe versus Albright

Het probleem met Filons Geschiedenis van Fenicië is al lang geleden door de Berlijnse godsdiensthistoricus Otto Gruppe herkend: sommig materiaal oogt eerder Grieks dan oosters en Sanchuniathon zou een verzinsel zijn. Omgekeerd hechtte de Amerikaan William Albright onverkort geloof aan Filons betrouwbaarheid. Daarvoor pleit bijvoorbeeld dat de naam Sanchuniathon ofwel Sknytn, “de god Sakan heeft geschonken”, is gedocumenteerd in de Punische stad Hadrumetum. Veel belangrijker is dat er parallellen zijn met de Kanaänitische mythologie die bekend is geworden met de ontdekking van de kleitabletten uit Ugarit.

Deel: