Romeinenfestival 2012 (Nijmegen)

De onverwoestbare reputatie van re-enactment

18 november 2020

Er zijn allerlei instellingen en organisaties die de Oudheid uitleggen: musea, verenigingen, gymnasia, archeologische werkgroepen. Maar het meest geliefd zijn vermoedelijk de re-enactment-groepen.

Een eerste, te eenvoudige definitie van re-enactment zou kunnen luiden dat het gaat om vrijwilligers die een historisch kostuum aantrekken om te demonstreren hoe dingen in het verleden gingen. Zo spelen re-enactors huwelijks- en uitvaartplechtigheden na, maar zijn er ook vechtende gladiatoren en exercerende soldaten. Ik ken een smid en een pottenbakker, ik ken iemand die de Dame van Simpelveld op haar repertoire heeft en ik ken iemand die zich weleens verkleedt als senator.

Deel:

De mantel van Martinus

14 november 2020

Ik ken meneer Hagenaars uit Diemen niet. Hij is de auteur van de bovenstaande brief, die vrijdag te lezen viel in Trouw. Hij legt uit dat Martinus van Tours de helft van zijn mantel aan de armen gaf omdat hij soldaat was en de helft van zijn mantel eigendom was van Rome. Door een halve cape te geven, gaf hij zijn hele bezit.

Een van de vaste gebruikers van de reageerpanelen van deze blog legde de brief aan me voor. Hij had hier nog nooit van gehoord, geloofde ik het?

Deel:

Reconstructie van kleding

13 november 2020

Het is alweer een tijdje geleden dat ik aankondigde dat we filmpjes wilden gaan maken om uit te leggen hoe oudheidkundigen weten wat ze weten. Dat bleek makkelijker gezegd dan gedaan, maar het project vordert, dankzij de jonge filmmakers van Second Sun, wel degelijk. Langzaam maar zeker, met de nadruk op dat laatste. Er is al een filmpje online over de Lachmann-methode, waarmee classici vaststellen wat de inhoud was van antieke teksten, ook al zijn die overgeleverd in manuscripten vol schrijffouten. Ook is er een filmpje online over de uitspraak van het Latijn. Als je weet hoe die taal heeft geklonken, “werken” antieke gedichten beter.

Hoewel het dus allemaal wat langer duurt dan voorzien, denk ik dat het belangrijk is dit soort dingen uit te leggen. Als mensen eenmaal sceptisch zijn geworden over de Oudheid is het lastig ze nog terug te winnen. Je kunt dan praten als Brugman om te tonen dat de wetenschappelijke methode werkelijk de meest redelijke is, maar critici zullen dan toch vooral hun scepsis gaan projecteren op de methode, zodat de wetenschapscommunicator precies het tegengestelde bereikt van wat hij beoogt. De uitleg van de methode moet er zijn vóór mensen vraagtekens plaatsen. Voorlichting die niet proactief is, is nogal eens te laat.

Deel: