Vindolanda-tablet 291 (©Wikimedia Commons | User Fæ)

Verjaardagsfeestje

23 november 2020

Vindolanda was een Romeins legerkamp (castra) bij de muur van Hadrianus (Engeland). Oorspronkelijk bestond het kampement uit houten gebouwen (de eerste versie stamt uit ca. 85), maar in de tweede eeuw werd het fort verstevigd tot een permanente nederzetting met stenen gebouwen. Naast het kamp ontstond een dorp met allerlei voorzieningen, waaronder een badhuis en een hotel (mansio), en uit inscripties blijkt dat dit deze nederzetting een eigen bestuur had en Vindolanda heette (geen Latijnse naam).

Omstreeks het jaar 100 -de muur van Hadrianus was toen nog niet gebouwd en ook van het dorp was nog geen sprake- werd het fort bewoond door ongeveer 1000 Bataafse huurlingen onder het bevel van de prefect Flavius Cerealis. In de resten van zijn hoofdkwartier (praetorium) werd in 1973 een grote hoeveelheid schrijfplankjes gevonden, die handgeschreven correspondentie bevatte. Hierdoor weten we veel van het dagelijkse leven in het kamp. De Vindolanda tabletten behandelen militaire en administratieve zaken, maar ook persoonlijke correspondentie.

Deel:
Een deel van de Elgin Marbles (British Museum, Londen)

Roofkunst

12 november 2020

Bezit is doorgaans simpel. Je gaat naar de supermarkt, koopt een brood en een stuk kaas, betaalt aan de kassa en vervolgens zijn die etenswaren van jou. Als iemand vraagt om bewijs, is er een bonnetje waarop staat dat dhr A. Heijn (voor Vlaamse lezers: dhr J. Delhaize) iets heeft overgedragen en daar geld voor heeft ontvangen. Soms is het echter complexer, zoals wanneer de vraag opkomt wie het verleden bezit. Er was namelijk geen antieke heer Heijn of Delhaize die het aan jou heeft overgedragen. Wie zich bezighoudt met het verre verleden, eigent zich iets toe. Dat is ook niet erg, want er zijn geen betrokkenen in het heden die eventuele schade kunnen ervaren.

Het wordt lastiger als het gaat om de materiële resten. Die zijn wél aanwezig in het heden en kunnen worden bezeten. Dat wil nog weleens lastig zijn. Het bekendste voorbeeld is de prachtige sculptuur die bekendstaat als de Elgin Marbles of de Parthenon Marbles: Griekenland eist ze op omdat ze onderdeel zijn geweest van de Atheense Parthenon-tempel, terwijl het British Museum daar anders over denkt. Tot de argumenten om ze niet aan Griekenland te geven, behoren onder meer dat het British Museum als zodanig ook een artistieke eenheid is, waarin deze sculptuur net zo goed aanwezig behoort te zijn als in Athene, en dat het artistieke belang van dit werelderfgoed het nationale Griekse belang overstijgt. Daar kun je het mee eens zijn of niet, maar het zijn argumenten die een zekere rationaliteit hebben.

Deel:
Tichel met christusmonogram uit Spanje (British Museum, Londen)

De Visigoten

11 november 2020

Een kleine twee weken geleden maakten archeologen van de Amsterdamse Vrije Universiteit bekend dat er bij Lienden gouden munten waren gevonden die nieuw licht wierpen op de wijze waarop de Frankische koning Childerik de macht in het noordwesten van het Romeinse Rijk had kunnen overnemen. De Romeinse keizer Majorianus had – vermoedelijk over de twee schijven van generaal Aegidius en een Frankische heerser als Childerik – rond het jaar 460 goud betaald om een Frankisch leger voor zich te winnen en daarmee de Romeinse macht in Gallië te herstellen. Ik beschreef hier en daar hoe het latere Frankische koninkrijk is gegroeid uit het netwerk dat de Romeinen bij die gelegenheid met hun goud versterkten.

De Frankische staat is dus te beschouwen als voortgekomen uit het Romeinse Rijk. Net als het Byzantijnse Rijk. Net zoals de continuering van de Romeinse cultuur in de halfwoestijn van Libië waarover ik al eens schreef. En net als het koninkrijk dat een van oorsprong Visigotische groepering stichtte op het Iberische Schiereiland. Het verhaal van deze groep is soms parallel en soms tegengesteld aan dat van de Franken.

Deel: