Hunebed D10 bij Gasteren

Hunebed van de dag: D10 (Gasteren)

9 oktober 2021

Je kunt het op elf na noordelijkste hunebed in Nederland natuurlijk gewoon aanduiden als hunebed D10. Dat zou niet de verkeerde aanduiding zijn voor het bij Gasteren gelegen monument. De bijnaam van het hunebed spreekt echter iets te veel tot de verbeelding om haar onvermeld te laten. Het heet namelijk ook de Duivelskut (eigenlijk Duvels kutte). En dat betekent helaas inderdaad wat u denkt dat het betekent.

Het ligt niet aan mij. Ik heb nog gekeken of het mogelijk was dat het ging om een kot, dus een kamer of een stal. Niet alleen is dat wat keuriger, maar een hunebed lijkt ook wat meer op een schaapskooi dan op een geslachtsdeel. Denk ik althans. Ik beken namelijk dat ik nog nooit het geslacht van een duivelin heb gezien. Dus misschien vergis ik me.

Deel:
Categoriën: Prehistorie
Hunebed D2 bij Westervelde

Hunebed van de dag: D2 (Westervelde)

8 oktober 2021

Er gaan natuurlijk dagen voorbij zonder dat u denkt aan hunebed D2, maar het is werkelijk het op tien na noordelijkste hunebed in Nederland. Het is acht meter lang en drie meter breed, dus niet opvallend groot. Ik heb er weinig over te vertellen, want de kelder van het monument is nooit wetenschappelijk onderzocht. En maar de helft van dit hunebed is over, want men heeft geprobeerd het te slopen (net als D14 en D44).

Net als hunebed G1, dat bij een doodijsgat lag, ligt ook hunebed D2 bij een meertje. Meer precies: het ligt bij een pingoruïne. Dat wil zeggen dat hier in een van de ijstijden een heuvel met een kern van ijs heeft gelegen. Toen het ijs smolt, bleef het gesmolten water achter en ontstond een ronde krater. Ook hunebed D35 ligt naast een pingoruïne. Blijkbaar hadden de hunebedbouwers een voorliefde voor dit soort meertjes.

Deel:
Categoriën: Prehistorie
Reconstructie van de Dame van Schengencultr

De Dame van Schengen

8 oktober 2021

Het eerste kwart van de vijfde eeuw v.Chr. markeert in de regio van Lotharingen via de Elzas, Baden-Württemberg en Beieren naar Bohemen de overgang van de Hallstatt– naar de La Tène-tijd. Die laatste archeologische cultuur mag u Keltisch noemen. De eerste ook wel, want de tweede komt er geleidelijk uit voort. Er zijn echter wel verschillen. Het makkelijkst te onthouden is dat de wagens in Hallstatt-graven vier wielen hebben (zoals), terwijl La Tène-wagens er twee hebben. Het zijn echte strijdwagens en de opkomst van La Tène gaat dan ook gepaard met agressieve expansie in alle richtingen. Rome is geplunderd in 387/386 en Delfi een eeuw later, terwijl La Tène-krijgers ook Turkije bereikten. In noordwestelijke richting is de onlangs ontdekte bijzetting bij Heumen een zeer vroeg La Tène-graf. Het duidt op culturele expansie.

Uit die overgangstijd dateert ook een vijftal graven dat in 1995-1998 is gevonden bij Schengen in het uiterste zuidoosten van Luxemburg, tegen de Moezel aan (hier). Wonderlijk genoeg lag het kwintet tussen de Bronstijdgraven, drie eeuwen ouder. Het is echter nog wonderlijker.

Deel:
Categoriën: Kelten, Prehistorie

Romeinse wegen

7 oktober 2021

Een boek waaraan je zelf hebt meegewerkt, dat kun je natuurlijk niet recenseren. Als je iets positiefs zegt, sta je onder verdenking een bevriende schrijver een handje te willen helpen; als je iets negatiefs zegt, heb je de auteur een rotstreek geleverd door niet tijdig te waarschuwen. Dat weerhoudt me er niet van uw aandacht te vragen voor een net verschenen boek van Robert Nouwen, die alles weet over het Romeinse erfgoed in Haspengouw, dus zeg maar de omgeving van Tongeren. Zijn nieuwste boek heet De Romeinse heerbaan. De oudste weg door de Lage Landen.

Deel:
Koninklijke jagers (Nationaal Museum van Irak, Bagdad)

Een leeuwenjacht uit Uruk

6 oktober 2021

Nog maar eens, na die mooie vaas, een plaatje van een leeuwenjacht uit Uruk. Het reliëf met twee jagers is ongeveer even oud als de vaas en gemaakt van zwart graniet. Dat gesteente komt in Mesopotamië nergens voor en moet zijn geïmporteerd uit bijvoorbeeld de omgeving van Natanz in Iran. Het oogt op het eerste gezicht wat primitief, maar let eens op de boogschutter onderaan, die zijn schouders heeft opgetrokken, zoals je doet als je een pijl aanlegt. En kijk eens hoe levensecht die drie leeuwen opspringen.

De vraag wat het voorstelt is misschien verkeerd gesteld. Mensen maken dingen omdat ze die mooi vinden en het hoeft niet per se iets voor te stellen. (Mij persoonlijk stoort het altijd een beetje als een museumgids, uiteraard met de beste bedoelingen, een kunstvoorwerp meteen gaat uitleggen en je niet eerst even tijd laat om het op je te laten inwerken.) Tegelijk: mensen herkennen vormen en maken die na. De vraag wie deze twee jagers zijn, is wel degelijk legitiem. Het is dan opvallend dat hij kapsel heeft en een wat lang gewaad zoals we kennen van vorsten uit deze tijd.

Deel:
Categoriën: Sumerië
Hunebed D8 bij Anloo

Hunebed van de dag: D8 (Anloo-Noord)

5 oktober 2021

Hunebed D8 is het op negen na noordelijkste hunebed in Nederland. Het is het middelste van drie van zulke monumenten: van west naar oost D7 – D8 – D9. Er lijkt hier een weg te hebben gelegen en er zijn prehistorische karrensporen gevonden. Die hebben overigens niets te maken met de hunebedbouwers, want die leefden tussen 3350 en 2750 v.Chr. en het oudst-bekende wiel uit onze contreien wordt zo rond 2400 v.Chr. gedateerd. Uiteraard kan dat beeld nog veranderen.

Hunebed D8 ligt in het bos, ten zuiden van de heide waaraan ook D7 ligt. D8 is bijna acht meter lang en is 4½ meter breed. Ik ben er niet lang geweest want er hing een dreigende onweersbui in de lucht. Bovendien was het terrein maar gedeeltelijk toegankelijk wegens archeologisch onderzoek, waarover ik niets meer heb kunnen ontdekken. Het had in elk geval geen betrekking op het hunebed, maar vrijwel zeker op een van de grafheuvels in de omgeving.

Deel:
Categoriën: Prehistorie
Hunebed D7 bij Schipborg

Hunebed van de dag: D7 (Schipborg)

3 oktober 2021

Het op acht na noordelijkste hunebed in Nederland, hunebed D7, vond ik het moeilijkst om te vinden. De eerste keer kwamen we vanaf hunebed D10 en het dorpje Schipborg en stuurde de Google Maps ons over een voetpad letterlijk en figuurlijk het bos in. Het was 20 december 2020, zo’n beetje de kortste dag van het jaar, en we besloten dat we maar terug moesten gaan naar Assen. Het was al donker maar we waren gelukkig op tijd om daar nog limoncello te kopen.

De tweede keer had ik meer succes, al had ik ook dit keer wat moeite met het vinden van het monument. Het “valt niet altijd meteen op”, noteerde trouwens Herman Clerinx in 2017 in Een paleis voor de doden. En de website Hunebedden.nl heeft het over het meest afgelegen hunebed in Drenthe.

Deel:
Categoriën: Prehistorie
Hunebed D9 bij Annen

Hunebed van de dag: D9 (Annen)

30 september 2021

Even ten zuidoosten van de rotonde die het centrum vormt van het dorpje Annen ligt hunebed D9. Het op zeven na noordelijkste hunebed van Nederland heeft de twijfelachtige eer ooit te hebben gediend als fietsenstalling. Een foto daarvan is te zien op de website Hunebedden.nl. In 2010 werd een echt fietsenrek geplaatst.

Hunebed D9 is het derde laatste van de reeks D7 (Schipborg) – D8 (Anloo) – D9, die op gelijke afstand lagen langs wat een oost-west lopende prehistorische weg geweest zou kunnen zijn. Het Annense hunebed is niet groot. Het was zeven meter lang en 2½ breed, en daarvan staat nog maar de helft. Van Giffen, die in 1952 onderzoek deed naar dit monument, identificeerde de plaatsen waar de verdwenen stenen hebben gestaan en gaf de plaatsen aan met beton. Zie de foto hieronder.

Deel:
Categoriën: Prehistorie
Hunebed D5 bij Zeijen

Hunebed van de dag: D5 (Zeijen)

27 september 2021

Ik zou de waarheid geweld aandoen als ik schreef dat hunebed D5, het op zes na noordelijkste hunebed in Nederland, opvallend is. Het is maar 7½ meter lang en 2½ meter breed en ligt bovendien in een kuil. Bijna verborgen. De hunebedbouwers legden er vanzelfsprekend een dekheuvel overheen, maar die is er niet meer. In Een paleis voor de doden schrijft Herman Clerinx:

In 1857 heeft een handelaar de dekheuvel van dit hunebed laten afgraven om het monument te kunnen betreden en de vloerkeien te verwijderen om ze te verkopen. De poortzijstenen van het hunebed zijn eveneens zoek, áls ze er ooit zijn geweest.

Deel:
Categoriën: Prehistorie
Detail van een replica van het Pazyryk-tapijt (Tapijtmuseum, Teheran)

Skythen in een gebied zonder landkaarten

27 september 2021

Een dezer dagen neemt Jean Bourgeois afscheid van de Gentse universiteit. Hij is in Nederland niet zo bekend, maar hij is een van degenen die zich heeft beziggehouden met archeologische luchtfotografie. Vooral de foto’s uit de Eerste Wereldoorlog hebben de aandacht getrokken, al was het maar omdat zo is vastgesteld dat de kaarten waarop de soldaten destijds hun posities intekenden, substantiële fouten bevatten. Met deze foto’s zijn echter ook zo’n vijfhonderd omwalde hoeven (“moated farms”) uit de Middeleeuwen ontdekt. Dit onderzoek loopt nog steeds en als u iets van de resultaten wil zien, is er dit prachtige boek van Birger Stichelbaut en Piet Chielens.

Skythen in de Altaj

In het midden van de jaren negentig raakte Bourgeois betrokken bij onderzoek in Centraal-Azië, meer precies in de Altaj. Deze regio (drie keer België, twee keer Nederland) is waar Rusland, Kazachstan, China en Mongolië samenkomen. Omdat de Sovjet-Unie er niet op zat te wachten informatie weg te geven aan China, zijn er van dit grensgebied geen goede landkaarten. Omgekeerd heeft China niet zo’n behoefte om informatie te delen over het leefgebied van de Oeigoeren. Ook hier geen landkaarten dus. Dit is voor een oudheidkundige natuurlijk een handicap van de eerste orde. Temeer daar de Altaj belangrijk is. Hier bestaat namelijk nog nomadisme.

Deel:
Categoriën: Prehistorie