Plato 10: de ideale psyche

Plato's ziel met een edel en een slecht paard (Ostia)
31 maart 2021

[Een korte serie over Plato: Plato wordt als filosoof vooral gekend om zijn leer van de ‘vormen’, de naar hem vernoemde relaties zonder seks, en zijn ideale filosofenstaat. Dit is jammer, want Plato’s filosofie gaat zoveel breder en dieper dan dat. In deze zestiendelige reeks bespreken we alle aspecten van zijn filosofie, ook en met name zijn politieke kritieken en psychologie. Het eerste deel is hier.] 

Met het stichten van zijn eigen filosofische school, de Academie, had Plato meer succes dan als staatsman. Deze Academie zou een dikke duizend jaar bestaan, totdat een christelijke Romeinse keizer hem sloot omdat het een heidens instituut zou zijn. In zijn Academie onderwees Plato zijn filosofie en ethiek. Die ethiek hangt samen met de visie van Plato op de menselijke geest.

We zagen het al: zoals de staat in elkaar zit, zo zit volgens Plato ook de geest in elkaar. De samenstellende delen van de staat zijn de bestuurlijke klasse, de klasse die de orde handhaaft, en de werkende klasse. De psyche is op een vergelijkbare wijze op te delen in de ratio, de wil en de emoties.

Het ordenen van de psyche moet volgens Plato net zoals het inrichten van de staat gebeuren. Het rationele element, het bewustzijnsorgaan, is de heerser. Dit bewustzijn moet gedurende het hele leven worden getraind. De wilskracht wordt ondertussen getraind om deze heerser te gehoorzamen en de orde te bewaken. De driften moeten in dit geheel hun plaats kennen en onderling de vrede bewaren. Zij mogen vooral niet de overhand krijgen ten opzichte van de wil en de ratio, en ook mag het niet gebeuren dat sommige emoties anderen compleet gaan domineren. Ieder kent zijn plaats.

Plato beschrijft drie basale ‘deugden’ die zowel in de filosofie van de oudheid als in de filosofie van de middeleeuwen een grote rol zouden spelen. De deugd van het rationele element is wijsheid. De deugd van de wil is moed. De deugd van het driftleven is matigheid.

Als deze deugden niet allemaal in een persoon aanwezig zijn, dan is hij uit evenwicht, en daarmee ongelukkig. Maar wie deze drie deugden kan combineren met de vierde deugd die voor alle elementen geldt – de deugd van rechtaardigheid, die zich uit in evenwichtigheid en zelfbeheersing – die leidt een gelukkig leven.

Alleen iemand die zijn temperament en zijn driften onder controle heeft, kan volgens Plato een evenwichtig en daarmee gelukkig leven leiden. Anderen blijven altijd behoeftig, omdat het lichaam nou eenmaal geen verzadiging kent, en zijn continu het slachtoffer van innerlijke strijd.

[Deze serie bevat een aantal hoofdstukken van het boek De wereld vóór God, waarin de filosofische stromingen van de oudheid, van China tot Rome, voor de leek zeer laagdrempelig maar toch vrij uitgebreid wordt uitgelegd. Het hele boek is hier te bestellen.]

Deel dit blog:
Aristoteles 13: de Staat volgens Aristoteles

[Aristoteles staat bekend als de wetenschapper-filosoof. De invloed van zijn filosofie in de oudheid is enorm, op de eigen peripathetische Read more

Aristoteles 11: de Deugd volgens Aristoteles

[Aristoteles staat bekend als de wetenschapper-filosoof. De invloed van zijn filosofie in de oudheid is enorm, op de eigen peripathetische Read more

Aristoteles 8: de Vormen van Aristoteles

[Aristoteles staat bekend als de wetenschapper-filosoof. De invloed van zijn filosofie in de oudheid is enorm, op de eigen peripathetische Read more

Aristoteles 7: de Ziel

[Aristoteles staat bekend als de wetenschapper-filosoof. De invloed van zijn filosofie in de oudheid is enorm, op de eigen peripathetische Read more


Categoriën: Griekenland