Hyperdiffusie

12 november 2020

Een van de grote verworvenheden van de negentiende-eeuwse oudheidkunde is dat ze erin slaagde empirisch bewijs te vinden voor het Verlichtingsidee dat de menselijke geschiedenis bestond uit vooruitgang. Van de Steentijd waren we geëvolueerd naar de Bronstijd en de IJzertijd, wereldrijken waren gekomen en zo voort en zo verder tot aan de Industriële Revoluties in Groot-Britannië en vervolgens, toen de negentiende eeuw ten einde liep, in de Verenigde Staten en in Duitsland.

Je kunt de vraag stellen wat de motor achter de vooruitgang was: spanning tussen individuen (zoals de liberalen meenden) of frictie tussen de diverse klassen (zoals de socialisten dachten) of samenwerking tussen alle lagen van de bevolking, zoals christendemocraten en de anarchist Kropotkin meenden. Wat het antwoord op die vraag ook zij, de groeiende materiële welvaart opende de mogelijkheid tot het maken van ethische keuzes die voordien niet had bestaan, zodat men ook sprak van een toenemend zedelijk peil. Dit alles stond niet ter discussie. Wat wel ter discussie stond was hoe, als de menselijke geschiedenis werd gedomineerd door vooruitgang, de mensheid zulke grote culturele verschillen vertoonde. Verliep de evolutie dan niet gelijkmatig? Waarom dan?

Eén factor is simpel te benoemen en onomstreden: het klimaat zal invloed hebben. De gevoerde bontjas is niet uitgevonden aan de evenaar en de parasol niet in Siberië. De mens past zich op verschillende manieren aan het fysisch milieu aan en dit verklaart minimaal enkele culturele verschillen. Tot ver in de jaren dertig van de twintigste eeuw meende men dat ook ras een verklaring kon zijn: sommige volken waren beter in het een en andere volken waren beter in het ander. Dit is op allerlei wijzen weerlegd, het meest recent door het DNA-onderzoek.

Waren er dus verklaringen voor het ontstaan van verschillen, men dacht ook over de wijzen waardoor culturele innovaties zich ongelijkmatig verspreidden. De term hiervoor is diffusie en migratie is daarvan een speciale vorm. Een even populaire als pessimistische vroeg-twintigste-eeuwse visie was hyperdiffusie, wat veronderstelde dat elke uitvinding eigenlijk maar één keer werd gedaan en zich dan vanuit één punt over de hele aarde verspreidde. Hierop waren er twee varianten: óf alle culturele innovatie was begonnen in Egypte en had zich daarvandaan verspreid over onze planeet óf het kwam allemaal uit Babylonië. Simpel voorbeeld: in Midden-Amerika zijn piramides gevonden en die moesten zijn geïnspireerd door soortgelijke gebouwen in Egypte of de ziggurats van Babylonië.

Dit is de context waarin de Paraíba-vervalsing werd gemaakt: een inscriptie (die nooit iemand heeft gezien en die alleen als tekening bekend is) die in het noordoosten van Brazilië zou zijn achtergelaten door een groep verdwaalde Feniciërs. De negentiende-eeuwse geleerden wezen er meteen op dat op de tekening lettertekens waren te zien die nooit samen waren gebruikt, dus bijvoorbeeld een alef zoals op de tiende-eeuwse sarcofaag van Ahirom van Byblos, een sjin zoals op een vijfde-eeuws grafschrift uit Karthago en een qof zoals op een vroeg-Romeinse munt uit Lepcis Magna. Deze bizarre combinatie bewees een vervalsing.

Hyperdiffusionisme is allang vergeten en achterhaald, maar soms steekt het de kop nog op, zoals vorige week, toen in het nieuws kwam dat een groep mensen een Fenicisch schip had gereconstrueerd en nu probeerde de Atlantische Oceaan over te steken, om zo te bewijzen dat de Feniciërs Amerika konden hebben ontdekt. Een soort Thor Heyerdahl dus, maar er is hier geen oudheidkundige hypothese die met vrucht valt te toetsen. Dat we eigenlijk niet zo gek veel weten van de scheepstypen waarmee de Feniciërs de Atlantische Oceaan hebben bevaren, is dan nog een heel andere kwestie.

[Deze blog verscheen oorspronkelijk in de reeks “Methode op Maandag“.]

Deel dit blog:
Hunebed van de dag: D6 (Tynaarlo)

Het op vijf na noordelijkste hunebed in Nederland, hunebed D6, was het eerste dat ik zag. Althans als volwassene. Ik Read more

De Warka-vaas

Ik blogde al over de grote stad Uruk, tegenwoordig Warka, waar de overgang van Neolithicum naar geschiedenis is gedocumenteerd in Read more

Hunebed van de dag: D1 (Steenbergen)

Hunebed D1, het op vier na noordelijkste hunebed in Nederland, bleek in gebruik als klimrek voor kinderen. Althans toen wij Read more

De Dame van Simpelveld

De sarcofaag van de Dame van Simpelveld is een van de mooiste vondsten uit de Nederlandse archeologie. Gemaakt in de Read more