Excess empirical content

Broodvermenigvuldiging (Wandschildering uit de catacombe van Petrus en Marcellinus, eerste helft derde eeuw)
11 november 2020

Een van de meer curieuze oudheidkundige theorieën is die van een zekere Francesco Carotta, die beweerde dat het christendom niet teruggaat op een joodse halachische oriëntatie, voorgesteld door de joodse plattelandsmessias Jezus van Nazaret, maar op een verkeerde uitleg van de Romeinse staatscultus voor de vergoddelijkte Julius Caesar. Het vertrekpunt van deze theorie is dat sommige woorden uit de evangeliën (zoals “Galilea”, de noordelijkste van de Joodse gewesten) wel lijken op Latijnse woorden (zoals “Gallia”, de noordelijkste van de Romeinse gewesten).

Carotta herkende dit soort overeenkomsten als de fouten die weleens worden gemaakt door tekstverwerkers met spellingscorrectie. U weet wel, je wil “Fulco” schrijven en leest door de autocorrect ineens “valkuil”. Kon het niet zijn dat kopiisten ook zulke fouten hadden gemaakt en dat zo een complete religie was ontstaan?

Natuurlijk is het denkbaar dat antieke schrijvers kopiistenfouten niet herkenden en zo nog grotere fouten maakten, zoals het verzinnen van een personage en een wereldreligie. Daar staat echter tegenover dat er ook aanwijzingen zijn voor een andere hypothese: dat kopiistenfouten nooit zo erg uit de klauwen liepen. Dat antieke en middeleeuwse schrijvers niet stom waren en niet zo mechanisch te werk gingen als een computer. Je kunt deze twee theorieën nu tegenover elkaar plaatsen en dan blijkt dat de tweede een hele reeks verschijnselen kan verklaren die niet zijn te verklaren door Carotta’s opvattingen over antieke teksten. Bijvoorbeeld dat allerlei andere teksten uit de Oudheid alleszins redelijk zijn overgeleverd, en dan heb ik het over hoogstaande literatuur en wat meer volkse geschriften. Om deze reden heeft Carotta’s theorie geen erg wijde aanhang gekregen: ze biedt een mogelijke verklaring voor één groep teksten, terwijl de andere theorie van toepassing is op de overlevering van veel meer teksten. (Los daarvan kan Carotta natuurlijk niet verklaren waarom de door misverstanden bedachte messias halachische opvattingen blijkt te hebben die perfect passen in het tempeljodendom.)

In deze situatie, waarin een theorie wordt opgegeven omdat een concurrerende theorie meer verschijnselen verklaart, heeft de tweede excess empirical content. Het klassieke voorbeeld is de relativiteitstheorie, die alle verschijnselen verklaart die ook Newtons zwaartekrachtwetten verklaarden én nog een paar meer. Dit is een nuttig criterium om tussen twee concurrerende hypothesen te kiezen.

***

Ik noem dit omdat het nogal een issue is bij de pogingen de limes tot werelderfgoed te maken. Waarom ligt de nadruk, die altijd bij de Germanen (Bataven, Friezen, Franken…) heeft gelegen, nu ineens bij de Romeinen? Waarom is het nu geïntroduceerde zuid-noord-beeld van Nederland in de Romeinse tijd beter dan het traditionele noord-zuid-beeld? De hoeveelheid gegevens die verklaard moet worden is identiek en het is ook niet zo dat we twee theorieën tegenover elkaar hebben staan.

Maar in de klas is er een enorm verschil. Je kunt als leerkracht op de basisschool of in het middelbaar onderwijs de Germanen centraal stellen en je hebt een handvol verhalen en wat kleine opgravingen. Kies je voor Rome, dan heb je een bibliotheek aan verhalen en een overdonderende hoeveelheid opgravingen. Ik stel voor dat we dit excess educational content dopen. In die zin is de limes een verbetering van ons beeld van het verre verleden.

Maar dat moeten de limesorganisaties wél uitleggen dus, want zoals het nu gaat roepen ze de scepsis over zichzelf af.

[Deze blog verscheen oorspronkelijk in de reeks “Methode op Maandag“.]

Deel dit blog:
De beslissendheid van Marathon

Eergisteren blogde ik over de slag bij Marathon, waarin de Atheners een Perzisch leger, dat zich al aan het terugtrekken was en zijn dekking door Read more

Vergelijkingen en relevantie

In mijn vorige stukje vertelde ik dat de Oudheid voor ons relevant kan zijn, maar wees ik er ook op dat als Read more

Continuïteit en relevantie

Sommige antieke teksten illustreren aspecten van de oude wereld die hun invloed lange tijd, soms zelfs nog steeds, hebben doen Read more

Verhalende geschiedschrijving

Geschiedvorsing wil niet slechts zeggen dat je gebeurtenissen op een rijtje zet maar houdt ook in dat je die probeert Read more