Die vreedzame Minoërs

De stierspringers uit Knossos
30 juli 2021

Omdat ik wat in een impasse verkeer over de zin van mijn werk, ben ik een tijdje geleden begonnen het (regelmatig verbeterd herdrukte) handboek te herlezen waarmee ik ooit oude geschiedenis leerde, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek. Wat bij Van Gogh werkte, de terugkeer naar Millet, heeft bij mij nog niet gewerkt, maar wie weet zal dat wat ooit voor grote kunstenaars werkte ook voor mij nog eens iets opleveren. Ik lees het handboek dus om inspiratie te herwinnen, niet om op alle slakken zout te leggen. Evengoed moet ik vandaag toch even kritisch zijn.

Van de bewoners van het oude Kreta, die we gewoonlijk naar de legendarische koning Minos van Knossos de Minoërs noemen, werd ooit beweerd dat ze zo vreedzaam waren. Wie als eerste opperde dat Kreta een vreedzame handelscultuur had gehad, weet ik niet; wel weet ik wat ook De Blois en Van der Spek schrijven.

Opvallend aan Knossos is dat er geen [stads]muren zijn en dat de fresco’s in het paleis tamelijk vredelievend zijn. Er zijn meer afbeeldingen van flora en fauna en religieuze plechtigheden gevonden dan van krijgsdaden.

Wapenvondsten en krijgersidentiteiten

Onwaar is het niet, maar suggestief is het wel, net als de zin, even verderop, dat Kreta profiteerde van “bloeiende handel en misschien ook wel rooftochten”. Haal dat “misschien ook wel” maar weg. Het utopische idee van een vreedzaam Kreta is allang weerlegd door wapenvondsten uit diverse heiligdommen en graven.

Hier is een artikel (€) dat ingaat op het bewijs dat er zoal bestaat voor de in de Bronstijd gangbare en ook op Kreta gedocumenteerde krijgersidentiteiten. Denk hierbij ook aan martiale sporten als het hierboven afgebeelde stierspringen. Het artikel is uit 2012 maar ik weet zeker dat het niet-specifiek-vreedzame karakter van Kreta al in de jaren tachtig bekend was. Het is alsof De Blois en Van der Spek, die allebei geen archeoloog zijn, zich niet van hun eigen handboekenkennis hebben kunnen losmaken, onvoldoende vertrouwd waren met de inzichten die de afgelopen driekwart eeuw uit opgravingen zijn gekomen, en kozen voor te voorzichtige formuleringen.

Sheffield

Er is nog een punt. Het artikel waar ik naar verwijs komt van het archeologisch instituut van Sheffield. Het is onlangs opgeheven. De vergadering vond, zoals tegenwoordig gebruikelijk, online plaats, zodat het vrij simpel was de stemmen van de archeologen op mute te zetten. En zo ging een onderzoeksinstituut kapot dat meer dan een traditioneel beeld van het verleden heeft helpen slopen – zoals dat Kreta een vreedzame handelscultuur zou zijn geweest.

Ik heb me de laatste tijd weleens afgevraagd of de ramp in Sheffield afwendbaar was geweest. Ik weet het niet. Als wat meer historici en classici zich hadden verdiept in het werk van archeologen, zou het voor de mensen in Sheffield vermoedelijk makkelijker zijn geweest meer steunbetuigingen te krijgen. Van de andere kant: tegen academische onbeschoftheid is geen kruid gewassen.

Deel dit blog:
Caesar verovert Marseille

Als ik u zeg dat het op de Romeinse kalender eind oktober was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls Read more

Hunebed van de dag: D5 (Zeijen)

Ik zou de waarheid geweld aandoen als ik schreef dat hunebed D5, het op zes na noordelijkste hunebed in Nederland, Read more

Skythen in een gebied zonder landkaarten

Een dezer dagen neemt Jean Bourgeois afscheid van de Gentse universiteit. Hij is in Nederland niet zo bekend, maar hij Read more

De Bergrede (8): het zout der aarde

Een nieuwe zondag, een nieuw stukje over de Bergrede, en wel over de regels die volgen op het stukje van Read more