De Zeevolken: het klimaat

Zes Mykeense krijgers trekken ten strijde. Het type helm is ook bekend van Egyptische afbeeldingen van Zeevolken (Nationaal Archeologisch Museum, Athene)
7 augustus 2021

In het vorige stuk over de Zeevolken vatte ik samen wat De Blois en Van der Spek erover schreven in hun handboek Een kennismaking met de oude wereld. Ook benoemde ik twee onderliggende problemen: enerzijds de oorzaak was van de instorting van het Bronstijdsysteem en anderzijds of de Zeevolkencrisis geen negentiende-eeuws construct was. Over die eerste kwestie heb ik het vandaag. Over de tweede volgend week: het in de oudheidkunde altijd aanwezige gebrek aan informatie maakt dat je de gegevens kunt passen in vrijwel elk narratief. Wat in het handboek staat is dan ook niet zozeer verkeerd als wel de ideale handboekenstof, die zich leent voor verdieping en uitwerking. Kortom: wat weten we, waarom weten we het, en wat weten we niet over de Zeevolken?

Klimaatomslag

Om te beginnen: er is destijds, zoals het handboek vermeldt, iets aan de hand geweest met het klimaat. Het staat bekend als “3.2 cal kY event”, ofwel een gebeurtenis die zich 3,2 gekalibeerde kilojaren geleden voltrok. Uiteraard niet van de ene dag op de andere, maar daarom niet minder ingrijpend. Eén voorbeeld van het bewijs komt uit Ashdod, waar dateerbare monsters organisch materiaal zijn gevonden. Daaruit viel af te leiden dat de zee iets zouter werd: een aanwijzing voor verdamping en hogere temperatuur.

Het bewijs voor een rond 1200 v.Chr. begonnen periode van droogte is natuurlijk breder. Ook de gletsjers in de Alpen breidden zich uit. Op noordelijke breedtes werd het kouder, wat valt af te leiden uit een toename van zuidelijk “ice-rafted debris”. Dat is een jargonterm om te zeggen dat ijsbergen noordelijke sedimenten meenamen naar zuidelijker regio’s. Denk aan stuifzand dat op een ijsschots valt of mooi ronde geslepen grint van een Groenlandse gletsjertong.

Noord-Atlantische Oscillatie

Ice-rafted debris vormt vooral een aanwijzing voor wind. Doorgaans ligt er boven IJsland een lagedrukgebied en een hogedrukgebied boven de Azoren. De zuidelijker afzetting van ice-rafted debris bewijst dat de noordenwind wat harder blies en het verschil tussen deze twee wat kleiner was dan normaal. Dat betekent enerzijds dat het droog is op de Britse eilanden en vochtig rond het westelijk bekken van de Middellandse Zee, en anderzijds dat de westenwind niet voldoende kracht heeft om door te dringen tot het oostelijk bekken van de Middellandse Zee. Daar valt dus minder regen, want westenwind die tot de Levant doordringt, heeft honderden kilometers lang vocht kunnen opnemen.

Zou het verschil in luchtdruk wél groot zijn, dan is het allemaal andersom. Het mechanisme staat bekend als de Noord-Atlantische Oscillatie; ik blogde er eerder over. De zaak is echter complexer dan alleen een mechanisme op de Atlantische Oceaan, want de droogte die rond 1200 v.Chr. intrad, strekte zich uit tot Zuidwest-Azië. Hoe dat ook verklaard moge worden: het klimaat veranderde en het leven was voor landbouwers minder eenvoudig.

Klimaatomslag als oorzaak

De crux van de Zeevolkencrisis is echter niet de klimaatomslag an sich. Er zijn in het verleden wel vaker klimaatomslagen geweest, zoals die aan het einde van het derde millennium en die aan het begin en einde van het Romeinse Klimaatoptimum. De mensen waren toen in staat de effecten enigszins te temperen. Egypte en Mesopotamië doorstonden het “4.2 cal kY event”; de hellenistische rijken overleefden het begin van het Romeinse Klimaatoptimum en het Romeinse Rijk doorstond de crisis van de derde eeuw n.Chr.

De omslag rond 1200 v.Chr. was echter – en dát is de crux – ingrijpender dan ’s mensen aanpassingsvermogen. Elke samenleving heeft een bepaalde veerkracht maar de crisis van 1200 v.Chr. was voor de toenmalige mensheid te veel. Men raakte op drift. In het vorige stukje vroeg ik:

bezweek het Bronstijdsysteem doordat de handelsroutes er niet langer waren, zodat de Mediterrane handelselites wegvielen en de economie van de vier grote mogendheden in een crisis raakte, of was het andersom en verdwenen de handelsroutes doordat er in die vier koninkrijken een crisis was? Was het, met andere woorden, een kwestie van wegvallend aanbod of van wegvallende vraag?

Ik denk dat we inmiddels voldoende weten over de klimaatomslag om te mogen concluderen dat deze de kern van de problemen vormde. Over de aard van de problemen volgend keer.

Literatuur

Lees over de Zeevolken het leuke boek van Eric Cline, 1177 BC. The Year Civilization Collapsed (2014) ik schreef er al eerder over. Over klimaatwetenschap is er het boek van Valerie Trouet, Wat bomen onze vertellen (2020), en ook daarover schreef ik al eens.

Deel dit blog:
De Zeevolken: meer problemen

In de vorige vier stukken (één, twee, drie, vier) over de Zeevolken heb ik uitgelegd dat het bewijsmateriaal een consistent Read more

De Zeevolken: de problemen

In de stukken die ik tot nu toe wijdde aan de Zeevolken vatte ik samen hoe De Blois en Van Read more

De Zeevolken: het bewijsmateriaal

In het eerste stukje over de Zeevolken – dat ook “het einde van de Bronstijd” had kunnen heten, vatte ik Read more

De Zeevolken

In de reeks over het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, wil ik Read more


Categoriën: Egypte, Levant