De Stervende Galliër

De stervende Galliër (Capitolijnse Musea, Rome)
11 november 2020

Zo rond het midden van het eerste millennium v.Chr. ontstond in het gebied van Lotharingen, Elzas, het Zwarte Woud en Beieren een nieuwe archeologische cultuur: La Tène. We mogen deze mensen gelijkstellen aan de Kelten, al moeten we daarbij aantekenen dat de betekenis van de term niet precies vastlag. De Keltische stammen en staten hebben zichzelf nooit beschouwd als één Keltisch volk, terwijl de Grieken en Romeinen allerlei volken die niet behoorden tot de La Tène-cultuur en die ook geen Keltische taal spraken, aanduidden als Kelten. Vaak was de term synoniem met “barbaar”.

De vierde eeuw was de tijd van de Keltische migraties: Gallische Kelten vielen Italië binnen en meer oostelijk levende stammen trokken langs de Donau naar het Balkanschiereiland. In de eerste weken van 279 bezetten zulke groepen het noordwesten van het huidige Bulgarije, van waaruit ze de Thracische stammen bedreigden. Die vroegen hulp bij de pas aangetreden koning van Macedonië, Ptolemaios Keraunos, maar deze weigerde: hij hoopte dat de Thraciërs, die het zijn voorganger Lysimachos knap lastig hadden gemaakt, verzwakt zouden raken. Dit was een blunder, maar toen Ptolemaios dat inzag, was het te laat.

De Thraciërs sloten zich nu namelijk aan bij de Kelten. In de lente vielen de Thracische en Keltische legers tegelijk Macedonië binnen. Ptolemaios meende dat hij ze kon verslaan, maar werd zelf verslagen, gevangen genomen en onthoofd. Een tweede Keltisch leger brak door naar Centraal-Griekenland en plunderde Delfi. Een derde groep, later versterkt met de twee andere groepen, viel Azië binnen. De alleenheerser van het stadstaatje Pergamon, Philetairos, wierp zich als beschermer van de diverse Griekse steden in Azië.

Hoewel hij een inval niet kon verhinderen, bleven hij en zijn verwanten de informele leiders van het plaatselijke verzet tegen de Kelten, die in dit gebied worden aangeduid als “Galaten”. Ze dwongen de binnenvallers verder te trekken naar het oosten, waar ze omstreeks 275 voor het eerst werden verslagen door de Seleukidische koning Antiochos I. Ze vestigden zich nu in de omgeving van het huidige Ankara en zetten hun strooptochten voort. Pergamon en zijn bondgenoten kochten de Galaten af.

In 241 trad in Pergamon een nieuwe heerser aan: Attalos I. Hij weigerde tribuut te betalen aan zijn oosterburen en toen ze het kwamen halen, versloeg hij ze. Er was voorgoed een einde gekomen aan een gevaarlijke bedreiging van het Pergameense koninkrijk – en dat moest worden gevierd. Dus werden verschillende standbeelden gemaakt, zoals het bovenstaande, dat eigenlijk de “Stervende Galaat” zou moeten heten, maar bekendstaat als de “Stervende Galliër”. (Of ook wel als de “Stervende gladiator”, maar dat is echt fout.)

De Keltische krijger is herkenbaar aan de torque om zijn hals (een metalen sieraad) en zijn wonderlijke kapsel, dat schijnt te zijn gemaakt door krijtpoeder door het natte haar te wrijven. Hij vocht naakt – als een berserker – en heeft zijn zwaard al op de grond laten vallen. Verslagen is hij echter niet: hij richt zich nog op, al heeft hij moeite zijn hoofd hoog te houden.

Zo vertelt de houding van het beeld iets over het ontembare karakter van de strijder. Dat is een van de redenen waarom we het mogen beschouwen als een meesterwerk. Een andere reden is dat het beeld anatomisch perfect is en dat het, anders dan de klassieke sculptuur van de voorgaande tijd, van alle kanten kan worden bekeken en niet vanuit maar één gezichtspunt.

Het werd al in de Oudheid gewaardeerd. Toen de Romeinen de macht in Pergamon overnamen, transporteerden deze kunstliefhebbers het kunstwerk naar Italië. Daar is het terechtgekomen in de Tuinen van Caesar: de generaal die de Kelten in Gallië had verslagen, benutte dit beeld om de indruk te wekken dat zijn tegenstanders totale wildemannen waren geweest. (In feite droegen de soldaten van de Gallische La Tène-cultuur in Caesars tijd vaak harnassen.) Dit verklaart waarom het beeld “Stervende Galliër” heet.

Het is te zien in de Capitolijnse Musea in Rome.

Deel dit blog:
Prinsjesdag, Plinius, Mill en de vergelijkingstheorie

Morgen is het Prinsjesdag en dat is een mooie gelegenheid om het weer eens over vergelijkingstheorie te hebben. Het demissionaire Read more

Foto van de dag: de Alexandersarcofaag

Sidon, Alexandersarcofaag, leeuwenjacht (nu in de Archeologische Musea van Istanbul) [Meer foto’s hier.]

Foto van de dag: de Tigris

De Tigris [Meer foto’s hier.]

Foto van de dag: Theodosius en zijn zonen

De keizerlijke loge in het circus, afgebeeld op een reliëf op de basis van een obelisk in Constantinopel (Istanbul) [Meer Read more


Categoriën: Anatolië, Hellenisme, Kelten, Musea