De onverwoestbare reputatie van re-enactment

Romeinenfestival 2012 (Nijmegen)
18 november 2020

Er zijn allerlei instellingen en organisaties die de Oudheid uitleggen: musea, verenigingen, gymnasia, archeologische werkgroepen. Maar het meest geliefd zijn vermoedelijk de re-enactment-groepen.

Een eerste, te eenvoudige definitie van re-enactment zou kunnen luiden dat het gaat om vrijwilligers die een historisch kostuum aantrekken om te demonstreren hoe dingen in het verleden gingen. Zo spelen re-enactors huwelijks- en uitvaartplechtigheden na, maar zijn er ook vechtende gladiatoren en exercerende soldaten. Ik ken een smid en een pottenbakker, ik ken iemand die de Dame van Simpelveld op haar repertoire heeft en ik ken iemand die zich weleens verkleedt als senator.

Hoogoplopende gemoederen

Er zit veel zorg in de kit van een re-enactor. Je wil immers niet voor schut staan met een kostuum dat niet tot in de puntjes valt te verantwoorden. Het klapstoeltje waarop een generaal zit, is gebaseerd op een vondst uit Nijmegen. Een vrouwenkapsel is door grafportretten uit Palmyra geïnspireerd. De wonderlijk gekrulde staf van een waarzegger is de reconstructie van een vondst uit Kalkriese in Duitsland.

De inzet waarmee re-enactors streven naar een zo authentiek mogelijke reconstructie, brengt met zich mee dat de gemoederen soms hoog oplopen. Gelukkig ziet men het lachwekkende daarvan zelf ook wel in. De discussie over de kleuren van een Romeins uniform heet de “tunic war”, een parodie op de Punic War.

Experimentele archeologie

Het verlangen naar betrouwbaarheid is de reden waarom de gegeven definitie van re-enactment te simpel is. Menig re-enactor doet serieus onderzoek en de grens met experimentele archeologie is vloeiend en dat levert wetenschappelijke publicaties op. Het in 2011 verschenen Die römische Armee im Experiment van Christian Koepfer e.a. toont bijvoorbeeld de resultaten van een project van de universiteit van Augsburg.

Eerlijk is eerlijk, er zijn wel eens baanbrekendere wetenschappelijke experimenten gedaan. Het is niet wereldschokkend dat een Romeins schild bij 10 mm neerslag zo weinig vocht opneemt dat het slechts 500 gram zwaarder wordt. Akkoord, we weten voortaan dat een beroemde passage over soldaten die moeilijk konden vechten door hun te natte schilden, een verzinsel moet zijn. En inderdaad, dat impliceert weer dat we een belangrijke antieke auteur anders zullen moeten lezen. De wereld zal echter niet noemenswaardig veranderen door deze conclusie.

Wetenschapscommunicatie

De voornaamste betekenis van re-enactment is dan ook een andere. Niemand kan overtuigender uitleggen wat de Oudheid is geweest dan een re-enactor. Eerst trekt hij of zij met een interessant kostuum ieders aandacht, vervolgens vertelt hij met kennis van zaken. En het voornaamste: de re-enactor heeft geen secundaire belangen. Het is zijn beroep niet, hij hoeft de voorlichting niet ondergeschikt te maken aan de fondsenwerving, hij hoeft de Oudheid niet sexier te maken dan ze is.

Re-enactors zijn natuurlijk niet alwetend. Ze laten heus weleens een steekje vallen. Maar ze hebben een jaloersmakend goede reputatie van betrouwbaarheid, die ze benutten voor de goede zaak. Wie lacht om “van die mannen die in het weekend in van die Romeinse harnassen rondlopen”, heeft iets heel erg niet begrepen.

Deel dit blog:
Foto van de dag: Re-enactors

Re-enactors bij het Sempervivetum-festival (2013) [Meer foto’s hier.]

Een nieuw boek over Romeinse kleding

Even een kort stukje. Ik heb het weleens uitgezocht aan de hand van de vragen die ik zoal krijg: van Read more

Plumbata: de dartpijl van het Late Romeinse Rijk

One-hunderd-and-Eeeeeeeightyyyyy! Bij deze kreet veren doorgaans tienduizenden Nederlanders op van hun stoel, als nationale helden zoals Raymond van Barneveld of Read more

Reconstructie van kleding

Het is alweer een tijdje geleden dat ik aankondigde dat we filmpjes wilden gaan maken om uit te leggen hoe Read more