De mierenleeuw

6 februari 2021

In een Arabische tekst kwam ik het woord layth, tegen, een vrij normaal woord voor ‘leeuw”. Maar dat paste niet in de context, het ging eerder om zoiets als een spin. In het Syrisch, dat stond erbij, heette het aryā dedēbābē, de ‘vliegenleeuw’. En inderdaad, dat moest het zijn. Wij kennen het echter als mierenleeuw.

In de Oudheid bestonden er vrij wat samengestelde dieren. Van de meeste horen we niet meer, maar de mierenleeuw is nog niet uitgestorven. Hij leeft voort als netvleugelig, nachtactief insect: Myrmeleon formicarius, uit de familie der mierenleeuwachtigen (Myrmeleontidae).

Als gevleugeld insect is het één onder velen. Uitzonderlijk is echter de larve van dit dier. Om prooidieren te bemachtigen graaft de kleine larve een trechtervormig kuiltje in zand of losse grond. Als er een spin of mier komt aangelopen en op de helling van het trechtertje belandt kan hij niet meer terug; de larve gooit met zijn pootjes nog wat zand omhoog, het prooidier zakt verder naar beneden en wordt vermorzeld tussen sterke larvenkaken.

Mij hield even de vraag bezig waar de naam ‘mierenleeuw’ resp. Ameisenlöwe, ant-lion, vandaan komt. Een leeuw is ook een roofdier, zeker, maar heeft verder toch weinig gemeen met dit diertje: niet in afmetingen en niet in gedrag.

Het diertje is niet zeldzaam en is overal de mensen opgevallen door zijn jachttechniek. De oude Grieken hebben het zeker gekend, maar bij Aristoteles1 heet het (misschien) λύκος, lykos, ‘wolf’, wat ook moeilijk te begrijpen is.

De naam ‘mierenleeuw’ blijkt terug te gaan op de bijbel, om precies te zijn op de Griekse vertaling der Septuaginta van Job 4:11, ± 100 voor Christus. In onze Nieuwe Bijbelvertaling luidt het vers:

De leeuw gaat zonder prooi te gronde, de jonge leeuwen zwerven hongerend rond.

De Hebreeuwse tekst2 heeft hier twee woorden die allebei ‘leeuw’ betekenen: layish en lavī. Het Nederlands heeft er maar één woord voor. Twee maal ‘leeuw’ in hetzelfde vers is niet zo mooi, maar gelukkig bieden de jonge dieren wat variatie. De Griekse bijbelvertalers vonden twee maal ‘leeuw’ blijkbaar ook niet mooi: zij hebben het eerste ‘leeuw’ vertaald met μυρμηκολέων (myrmēkoléōn), inderdaad letterlijk ‘mieren-leeuw,’ wat dat ook mag betekenen.3 (De Latijnse bijbelvertaling Vulgata zou er later helemaal een potje van maken: die vertaalt het met tigris, ‘tijger’. Leeuwen en tijgers doen het altijd goed samen in teksten; vandaar.)

***

Wat hebben die Grieken bij hun vertaling gedacht, wat voor beest hebben zij zich voorgesteld, en hoe is de benaming blijven hangen aan die gemene larve? Ik heb het (nog) niet kunnen vinden, u misschien? Een tekst die heel misschien wat verder helpt is Herodotus (± 485–425 v. Chr), Historiae iii, 102. Daar gaat het over een woestijn in Indië, waar de mensen gouddeeltjes winnen uit het zand dat door zeer grote mieren wordt opgeworpen:

In die woestijn komen mieren voor die wat kleiner zijn dan honden, maar groter dan vossen. Enkele stuks zijn gevangen en die leven in de diergaarde van de Perzische koning. Die mieren maken hun hol onder de grond en graven precies als de Griekse mieren, waar ze sprekend op lijken. (vert. Hein L. van Dolen.)4

Hier zijn tenminste reusachtige ’mieren’ (μύρμηκες, myrmikes), al bereiken ze lang niet het formaat van een leeuw. Van Dolen oppert dat er misschien aan de Tibetaanse marmot gedacht is, ‘maar het kan net zo goed een fantasiedier zijn.’ Dat laatste geldt eigenlijk ook voor de bijbelse mierenleeuw. Indiërs die goud afpakken van grote mieren worden overigens ook vermeld bij Timotheus van Gaza (± 500).5

De Griekse naam myrmēkoléōn komt voor zover ik kon nagaan niet voor in Griekse teksten die ouder zijn dan de bijbelvertaling, en daarna alleen mondjesmaat in christelijke of door het christendom beïnvloede teksten.

Het tweede-eeuwse, christelijke dierenboek Physiologus vertelt over dit dier:

Toen nam Elifaz, de koning der Temanieten, het woord: […]: ‘De mierenleeuw gaat zonder voedsel te gronde.’

De Physiologus zegt: De mierenleeuw is aan de voorkant als een leeuw, maar aan de achterkant als een mier. Het vaderdier vreet vlees, de moeder knabbelt peulvruchten. Wanneer zij nu een mierenleeuw ter wereld brengen doen zij dat als een wezen met een tweevoudige natuur: Het kan geen vlees eten wegens de natuur van zijn moeder en geen peulvruchten wegens de natuur van zijn vader; dus gaat het te gronde omdat het geen voedsel vindt.6

Zo is het bijbelvers ‘verklaard’. Hoe het verder moet met het voortbestaan van de soort interesseert de auteur blijkbaar niet. Wilt u de preek ook nog horen? Komt ie:

Zo is ook een man met twee zielen onbestendig op al zijn wegen (Jak. 1:7v). Met moet niet op twee paden wandelen, noch met dubbele tong spreken bij het gebed. Wee namelijk, zo heet het, een gespleten en zondig hart dat twee paden bewandelt (Sirach 2:12). Het is niet mooi, ‘ja, nee’ of ‘nee, ja’ te zeggen, maar laat jullie ja ja zijn en jullie nee nee, zoals onze Here Jezus Christus gesproken heeft (Matt 5:37).

Mooi heeft de Physiologus dus over de mierenleeuw gesproken.7

Vindt hij zelf! Er zijn ogenblikken dat ik het betreur dat het christendom de westelijke wereld heeft veroverd. Maar ja, daarvóór zaten ze met veel meer goden, keizerverering, bloedbaden in arena’s en een stuk minder naastenliefde.

Noten

  1.  Aristoteles, Historia Animalium 622b–623a: Τῶν δ’ ἀραχνίων καὶ τῶν φαλαγγίων ἔστι πολλὰ γένη, τῶν μὲν δηκτικῶν φαλαγγίων δύο, τὸ μὲν ἕτερον ὅμοιον τοῖς καλουμένοις λύκοις μικρὸν καὶ ποικίλον καὶ ὀξὺ καὶ πηδητικόν· καλεῖται δὲ ψύλλα· τὸ δ’ ἕτερον μεῖζον, τὸ μὲν χρῶμα μέλαν, τὰ δὲ σκέλη τὰ πρόσθια μακρὰ ἔχον, καὶ τῇ κινήσει νωθρὸν καὶ βαδίζον ἠρέμα καὶ οὐ κρατερὸν καὶ οὐ πηδῶν. Τὰ δ’ ἄλλα πάντα, ὅσα παρατίθενται οἱ φαρμακοπῶλαι, τὰ μὲν (623a.) οὐδεμίαν τὰ δ’ ἀσθενῆ ποιεῖ τὴν δῆξιν. Ἄλλο δ’ ἐστὶ τῶν καλουμένων λύκων γένος.
  2. Job 4:11: לַיִשׁ אֹבֵד מִבְּלִי-טָרֶף וּבְנֵי לָבִיא יִתְפָּרָדוּ.
  3. Job 4:11, LXX: μυρμηκολέων ὤλετο παρὰ τὸ μὴ ἔχειν βοράν, σκύμνοι δὲ λεόντων ἔλιπον ἀλλήλους.
  4. De gebruikte vertaling is: Herodotos, Het verslag van mijn onderzoek, vertaald, ingeleid en geannoteerd door Hein L. van Dolen, Nijmegen 1995.
  5. Griekse tekst: Hdt. Hist. iii, 102.2: ἐν δὴ ὦν τῇ ἐρημίῃ ταύτῃ καὶ τῇ ψάμμῳ γίνονται μύρμηκες μεγάθεα ἔχοντες κυνῶν μὲν ἐλάσσονα ἀλωπέκων δὲ μέζονα: εἰσὶ γὰρ αὐτῶν καὶ παρὰ βασιλέι τῷ Περσέων ἐνθεῦτεν θηρευθέντες. οὗτοι ὦν οἱ μύρμηκες ποιεύμενοι οἴκησιν ὑπὸ γῆν ἀναφορέουσι τὴν ψάμμον κατά περ οἱ ἐν τοῖσι Ἕλλησι μύρμηκες κατὰ τὸν αὐτὸν τρόπον, εἰσὶ δὲ καὶ αὐτοὶ τὸ εἶδος ὁμοιότατοι: ἡ δὲ ψάμμος ἡ ἀναφερομένη ἐστὶ χρυσῖτις.
  6. Tim. Gaz., De animalibus (Περὶ ζῴων), xxxii, 2,3, uitg. Haupt 1869, 20; vert. Rabinowitz en Bodenheimer 1949, 37.
  7. Physiologus (Φυσιολόγος) , Griechisch/Deutsch, ed. Otto Schönberger, Stuttgart 2001, no. 20, blz. 37: Ἐλιφὰζ ὁ Θαιμανῶν βασιλεὺς ἔλεξε· «μυρμηκολέων ὤλετο παρὰ τὸ μὴ ἔχειν βοράν». ὁ Φυσιολόγος ἔλεξε περὶ τοῦ μυρμηκολέοντος ὃτι τὰ μὲν ἐμπρόσθια ἔχει λέοντος, τὰ δὲ ὀπίσθια μύρμηκος. ὁ μὲν πάτηρ σαρκοφάγος ἐστίν, ἡ δὲ μήτηρ ὄσπρια τρώγει. ὃταν δὲ γεννῶσι τὸν μυρμηκολέοντα, γεννῶσιν αὐτὸν δύο φύσεις ἔχοντα, καὶ οὐ δύναται φαγεῖν κρέα διὰ τὴν φύσιν τῆς μητρός οὐδὲ ὄσπρια διὰ τὴν φύσιν τοῦ πατρός˙ απόλλυται οὔν διὰ τὸ μὴ ἔχειν τροφήν.
    Οὓτω καὶ πᾶς ἀνὴρ δίψυχος ἀκατάστατος ἐν πάσαις ταῖς ὁδοῖς αὐτοῦ. οὐ χρὴ βαδίζειν δύο τρίβους οὐδὲ δισσὰ λέγειν ἐν τῃ προσευχῇ· οὐαὶ γάρ, φησί, καρδίᾳ δισσῇ καὶ ἁμαρτωλῷ ἐπιβαίνοντα ἐπὶ δύο τρίβους. οὐ καλὸν εἰπεῖν τὸ ναὶ οὖ, καὶ τὸ οὖ ναί, ἀλλὰ τὸ ναὶ ναί, καὶ τὸ οὖ οὖ, καθὼς εἶπεν ὁ Κύριος ἡμῶν Ἰησοῦς Χριστός.
    Καλῶς οὖν ἔλεξεν ὁ Φυσιολόγος περὶ τοῦ μυρμηκολέοντος.

[Dit stuk verscheen eerder op de eigen blog van Wim Raven.]

Deel dit blog:
Domitianus en de christenen

Domitianus (Italica) Twee weken geleden schreef ik over de Fiscus Judaicus, de door keizer Vespasianus ingevoerde en door zijn zoon Read more

Domitianus en de joden

Ik had het vorige week over de rol van keizer Domitianus (r.81-96) bij het schisma tussen christendom en rabbijns jodendom. Read more

De wetten van Hammurabi

De Wetten van Hammurabi zijn wereldberoemd. In de eerste aflevering van Better Call Saul probeert Jimmy McGill een misdadiger ervan Read more

Domitianus en de Fiscus Judaicus

Op zondag blog ik meestal over het Nieuwe Testament en ik was blijven steken bij de Bergrede. Ineens realiseerde ik Read more


Categoriën: Arabië, Christendom, Jodendom
Tags: