De Bergrede: christenvervolging

Niet per se een christen (Museum van El-Djem)
19 september 2021

In mijn reeks over de Bergrede nu de laatste van de zaligsprekingen waarmee deze compositie begint. Dit is de tekst in de Nieuwe Bijbelvertaling.

Gelukkig zijn jullie wanneer ze je omwille van mij uitschelden, vervolgen en van allerlei kwaad betichten. Verheug je en juich, want je zult rijkelijk worden beloond in de hemel; zo immers vervolgden ze vóór jullie de profeten.

Het Matteüsevangelie is geschreven na de val van Jeruzalem in 70 n.Chr. Als we het dateren rond 80, zullen we er niet ver naast zitten. De volgelingen van Jezus waren toen al vervolgd. In Rome had keizer Claudius al “Joden verdreven die, opgehitst door de agitator Chrestus, voortdurend ongeregeldheden veroorzaakten”. Nero had groepen gebruikt als levende fakkels en in mythologische tableaux vivants. In Jeruzalem was Jezus’ broer Jakobus gestenigd. Het geweld was kleinschalig geweest, maar daarom nog wel serieus.

Christenvervolging, Joods en Romeins

Dat de joodse autoriteiten het moeilijk hadden met Jezus’ volgelingen, is zo vreemd niet. Messianisme en tempelcultus staan nu eenmaal op gespannen voet. Beide claimen de kortste verbinding te zijn met God. Je ziet dezelfde spanning tussen heidense heilige mannen (zoals Apollonios van Tyana) en de heiligdommen van zijn tijd. Toen de joodse tempel was verwoest, woedde een competentiestrijd tussen de rabbijnen, die de positie van het priesterschap wilden overnemen, en de christelijke leiders, die erkenning wilden voor hun messias. De Didache is zo’n waardevolle tekst omdat ze dit conflict halachisch documenteert, dus van binnenuit.

De heidense afkeer van de christenen is wat moeilijker te begrijpen, maar dat wil niet zeggen dat we de standaardverwijten niet zouden hoeven geloven. Claudius handelde volstrekt normaal toen hij een groep mensen de stad uit stuurde die in verband werd gebracht met relletjes. Nero handelde al even traditioneel toen hij na een grote brand een zondebok aanwees: de Joden, die woonden tegenover de plaats waar het vuur was begonnen, en vervolgens onder hen een groep die vrij klein was. Het was wreed en ik praat het niet goed, maar Nero beperkte het bloedvergieten. En tot slot: de Romeinen wisten dat de christenen de Romeinse goden verachtten. Dat was een serieuze zaak.

Vervolging toen

Dus ja, degenen die de Zaligsprekingen hoorden voorlezen, wisten waar het over ging. Ze waren uitgescholden, ze waren van allerlei kwaad beticht. En het zou nog erger worden. Weliswaar bleef de christenvervolging lange tijd beperkt, maar ze was er, en het is psychisch slopend voortdurend te weten dat je kunt worden gemarteld en gedood. Niemand wordt er gelukkiger van als hij de eerstaangewezen zondebok is als de Tiber overstroomt, als de Nijl niet overstroomt, als de hemelsluizen niet open gaan, als de aarde beeft, als er hongersnood is of ziekte heerst.

In het midden van de derde eeuw kwam die groep gelovigen die alleen in Christus geloofde – dus niet in combinatie met een aantal andere goden – in het vizier van de Romeinse overheid toen keizer Decius een belofte van trouw eiste. Begin vierde eeuw was er een heel grote vervolging. Dat was menens. Je hoopt voor de slachtoffers dat ze troost hebben kunnen ontlenen aan de Zaligsprekingen.

Vervolging nu

Vervolging is een aspect van het christendom. Soms is het menens. Ik heb al eens eerder geattendeerd op de serieuze vervolging die Jehova’s Getuigen momenteel ondergaan in Rusland. Het is een onderwerp dat de westerse media niet vaak haalt, maar daarom nog wel serieus is. Ik attendeer u op dit recente artikel. Of ik herinner u aan het lot van de christenen in Irak.

Tegelijk is er ook aanstellerij. Er zijn christenen die bij het minste of geringste “vervolging!” roepen. Candida Moss heeft daar een ondoordacht boek aan gewijd, maar ik begrijp haar ergernis wel als ik hoor dat sommige Nederlandse christenen zich momenteel. vervolgd voelen. Ze ervaren namelijk druk om zich te laten vaccineren. Ik zal de eerste zijn om te zeggen dat dit kabinet gevaarlijk incompetent is – sterker nog, ik waarschuwde al in 2011 en in 2012 voor Mark Rutte – maar er is in Nederland nog geen enkele christen gebruikt als fakkel of in een tableau vivant. Iets meer historische kennis zou misschien zinvol zijn, want dat je een prik krijgt is een bagatel, vergeleken met wat de christenen in de Oudheid hebben doorstaan en wat Jehova’s momenteel meemaken.

Deel dit blog:
De Bergrede (6)

Vandaag even een stukje in mijn reeks over het Nieuwe Testament, meer specifiek over de Bergrede, nog meer specifiek over Read more

Romeinse wegen

Een boek waaraan je zelf hebt meegewerkt, dat kun je natuurlijk niet recenseren. Als je iets positiefs zegt, sta je Read more

Valt te weten waar de Drususgracht lag?

In mijn komende boek Hannibal in de Alpen behandel ik een topografisch probleem: hoe bepaal je de locatie van een Read more

Caesar verovert Marseille

Als ik u zeg dat het op de Romeinse kalender eind oktober was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls Read more


Categoriën: Christendom, Jodendom