De Babylonische Oorlog (1)

Seleukos (Louvre, Parijs)
13 februari 2021

Alexander de Grote overleed in de late middag van de elfde juni 323 in het paleis van Nebukadnessar in Babylon. De terugkeer uit de Punjab was moeizaam verlopen. Duizenden hadden de tocht door de woestijn van Baluchistan niet overleefd en veel bestuurders, denkend dat hun koning was omgekomen, waren zich onafhankelijker gaan gedragen dan Alexander zinde. Het enige goede nieuws was de behouden aankomst van de troepen geweest die over zee vanuit India naar Babylonië waren vervoerd en die zich zelfs niet hadden laten afschrikken door honger en vervaarlijk spuitende walvissen.

Het succes van deze operatie, die in complexiteit weinig onderdeed voor Xerxes’ tocht naar Europa, had Alexander op het idee gebracht rond het Arabische schiereiland naar Egypte te varen en onderweg de Arabieren te onderwerpen. Omdat dit plan de gevaren van de open zee had gecombineerd met die van de woestijn, moet menigeen hebben gedacht dat de “onoverwinnelijke god”, zoals Alexander zich inmiddels noemde, niet meer in staat was tot een verantwoorde risicoanalyse. Toen hij aan de vooravond van de expeditie ziek was geworden en gestorven, werd dan ook aangenomen dat hij was vergiftigd om een ramp te vermijden.

De desintegratie van het wereldrijk nam slechts drie jaar in beslag. Alexanders generaals, de zogeheten Diadochen (“opvolgers”), zochten aantrekkelijke gebiedsdelen voor zichzelf uit en verzetten zich in de zogeheten Eerste Diadochenoorlog eensgezind tegen de koninklijke familie, die geen heersers meer voortbracht van het kaliber Filippos of Alexander. In het najaar van 320 vond in Triparadeisos (ergens bij Baalbek) een conferentie plaats waarin de generaals elkaars posities erkenden.

Anderhalf jaar later brak de Tweede Diadochenoorlog uit toen twee generaals, Kassandros en Antigonos Eénoog, besloten het op te nemen tegen de laatste dienaren van de dynastie. Vooral laatstgenoemde was succesvol en verwierf grote invloed in Irak en Iran, dat hij in de winter van 316/315 naar eigen inzicht herorganiseerde.

Voor de populaire gouverneur van Babylonië, Seleukos, was geen plaats en hij vluchtte naar Egypte, waar Alexanders vriend Ptolemaios zich inmiddels onafhankelijk had gemaakt. Die realiseerde zich dat de situatie in feite identiek was aan die van dertig jaar daarvoor: Kassandros’ Macedonië was de sterkste mogendheid in Europa, en Azië was in handen van één, machtige heerser, tegenover wie Egypte zijn onafhankelijkheid niet lang zou kunnen bewaren.

In de lente van 314 verklaarden Ptolemaios en Kassandros de oorlog – u raadt het al: de Derde Diadochenoorlog – aan Antigonos Eénoog, die erin slaagde zijn invloed in Europa te vergroten door te proclameren dat hij streed voor de vrijheid en autonomie van de Griekse stadstaten. Niet alleen leverde hem dat de sympathie op van de voornaamste leveranciers van huurlingen, het bracht ook groot moreel prestige met zich mee. Antigonos moest echter ook toezien hoe Ptolemaios doorbrak naar Syrië en daarvandaan Seleukos met een klein leger naar Babylonië liet terugkeren. Dit was het begin van de Babylonische Oorlog.

Deel dit blog:
Het Belevi-mausoleum

Ik had het over de Babylonische Oorlog en mijn oud-docent Bert van der Spek, tevens auteur van het handboek waaraan Read more

De Babylonische Oorlog (5)

[In 311 v.Chr. heroverde Seleukos Nikator, een van de opvolgers van Alexander de Grote, Babylonië op zijn tegenstander, Antigonos Eénoog. Read more

De Babylonische Oorlog (4)

[In 311 v.Chr. heroverde Seleukos Nikator, een van de opvolgers van Alexander de Grote, Babylonië op zijn tegenstander, Antigonos Eénoog. Read more

De Babylonische Oorlog (3)

[In 311 v.Chr. heroverde Seleukos, een van de opvolgers van Alexander de Grote, Babylon op zijn tegenstander, Antigonos Eénoog, die Read more


Categoriën: Babylonië, Hellenisme