Catilina, toch geen monster?

Cicero (Capitolijnse Musea, Rome)
31 maart 2021

Generaties leerlingen lazen op school in Vlaanderen en wellicht ook in Nederland de Eerste Catilinarische Redevoering van Cicero. Daarbij leerden ze de aanhef en dus ook de beroemde openingszin uit het hoofd. Quousque tandem, Catilina, abutere patientia nostra (Hoe lang nog, zal je ons geduld op de proef stellen?), maar ze beseften niet dat dit niet de gehele waarheid dekte…

Waarom schrijf ik dit nu? Het beeld dat veel mensen tegenwoordig hebben van Catilina, Cicero en overigens ook keizer Augustus, wordt nog altijd onrechtstreeks bepaald door de traditionele bronnen uit de Oudheid. Men leest Cicero niet meer, maar hoort Bart De Wever verklaren hoe hoogstaand Cicero en keizer Augustus wel waren. In het tijdschrift Knack en elders dweept men met de op zich knappe auteur Robert Harris en zijn Cicero-trilogie. In deze boeken volgt Harris, overigens een voor een romanschrijver verdedigbare keuze, slaafs de stellingen van Cicero.

Monster zonder weerga

Als we Cicero moeten geloven, was Catilina in die eerste eeuw voor Chr. een monster zonder weerga. Hij wilde en zou Rome overheersen en begon daarom aan een staatsgreep. Gelukkig was er de pater  patriae (vader van het vaderland) Cicero die dit verijdelde.

De werkelijkheid is zoals steeds genuanceerder. Catilina was – vreemd genoeg voor een aristocraat, maar hij was dan ook van vervallen adel – een popularis die opkwam voor de sociaal minder bedeelden, middenstand en veteranen zonder grond. Ook was hij zo charismatisch dat het plebs van de stad en de jeugd hem aanbad.

De aristocraten waren als de dood dat het sociale hervormingsprogramma van Catilina er door zou komen. Landherverdeling, kwijtschelding van schulden en een rechtvaardig(er) kiessysteem (waarbij de toplaag van Rome niet onevenredig veel stemmen kreeg in verhouding tot het aantal van deze mensen) mochten er gewoon niet door komen.

Cicero

Zijn tegenstanders, de optimaten, kozen een onverwachte bondgenoot in de persoon van de aankomende politicus Cicero. Deze ambitieuze redenaar was slechts een ridder en dus van provinciale adel. In de politiek was hij maar een homo novus (of nieuwe man).

Cicero deed er als consul in 63 voor Chr. alles aan om te beletten dat Catilina in het volgende jaar consul zou kunnen worden. Hij strooide allerlei geruchten rond over het wangedrag van Catilina op seksueel en ander gebied. (Dit behoorde tot de gewone wapens om af te rekenen met een politieke tegenstander.) Bij de verkiezingen verscheen hij met een wapenrusting onder zijn toga en stelde hij de verkiezingen uit. Zijn voorwendsel was dat Catilina een staatsgreep wilde plegen, vele vooraanstaande senatoren wilde vermoorden en Rome in brand wilde steken. (Overigens, waarom zou Catilina dit gewenst hebben? Het is toch absurd dat hij echt Rome wilde vernietigen, als hij er over wilde heersen.)

Door het uitstellen van de verkiezingen kon een groot gedeelte van Catilina’s aanhang geen stem meer uitbrengen. Deze mensen konden zich namelijk niet permitteren weken weg te blijven van hun (landbouw)bedrijf op het platteland. Zij keerden daarom terug en Catilina verloor opnieuw de verkiezingen.

Dan begon Cicero aan een ware vendetta tegen Catilina met zijn 4 Catilinarische redevoeringen. Catilina verliet uiteindelijk Rome en begon effectief – misschien speelde hij al een tijd met deze idee, maar het waren wel Cicero’s bijtende woorden die hem over de streep trokken – aan een staatsgreep.

Ondertussen in Rome liet Cicero vijf samenzweerders oppakken. Zonder beroep te kunnen aantekenen bij de volksvergadering werden zij ter dood veroordeeld. Dit zou Cicero later nog zuur opbreken. (Hij werd enkele jaren laten verbannen en kwam zo in Thessaloniki in Griekenland terecht.)

Catilina zelf werd in 62 voor Chr.  in de tang genomen door een veel grotere troepenmacht en sneuvelde heldhaftig.

Harris’ trilogie: Imperium

In de trilogie van Harris over Cicero wordt telkens vrij slaafs de visie van Cicero gevolgd. In het eerste deel Imperium volg je Cicero dus in zijn strijd tegen Verres. Als gouverneur in Sicilië was Verres door en door corrupt. Het pleit voor de gouverneur dat hij artistiek wel smaak had en veel Griekse kunstwerken (voornamelijk beelden) verzamelde. Hij vergaarde ze alleen door machtsmisbruik.

Vanuit Sicilië wordt er een rechtszaak opgestart. Cicero is namens de Sicilianen de aanklager. Hij vervult zijn rol met verve. Verres wordt schuldig bevonden. Dit deel van de trilogie is het meest geloofwaardige. Cicero strijdt hier duidelijk tegen onrecht en wint gelukkig. (Er is natuurlijk een ‘maar’. We kennen eigenlijk de argumenten van Verres niet. Het is bij deze zaken zo dat je iets leest met als enige bron de Jef Vermassen van toen.) Op het einde van het boek wint Cicero de consulsverkiezingen van 64 voor Chr. tegen Catilina. Zo bereikt hij de heerschappij, wat meteen de titel van het boek, Imperium , verklaart.

Op het eerste gezicht ben je als lezer blij. Gelukkig heeft Cicero gewonnen. Maar ergens, is er een knagende twijfel. Is Cicero niet te ambitieus? Kan het wel dat hij nu ineens zo’n aanhanger van de optimates (het establishment) is?

Harris’ trilogie: Lustrum

In het tweede deel van de trilogie van Harris, Lustrum (uit 2009, de auteur documenteerde zich grondig en dat vergde enige tijd!), gaat het wat mij betreft mis. Catilina, nota bene vroeger een medestander van Cicero, kan ineens niets goeds meer doen. Slaafs worden de standpunten uit de redevoeringen van Cicero gevolgd. Ik weet het, ook een historicus als Sallustius, een aanhanger van Caesar en dus een popularis zoals Catilina, had geen goede woorden over voor Catilina en schreef eveneens over zijn immorele wandaden. Maar dat is mijn punt niet.

Hoe kan Harris verklaren dat zijn held Cicero in boek één van zijn trilogie een popularis pur sang is, terwijl hij nu ineens een onvervalste optimaat is geworden?

Goed geschreven dus, zoals altijd bij Harris, maar toch heel ongeloofwaardig.

Harris’ trilogie: Dictator

In deel drie “Dictator” (uit 2015; er was opnieuw een grondige research) lezen we dan over de latere jaren van Cicero. Het handelt dan o.a. over zijn verbanning en zijn jaren als politieke has-been. Het boek is niet echt spannend. Je weet als lezer al dat het slecht zal aflopen met Cicero. En tevens  – ik spreek hier misschien te veel voor mezelf – leef je ook niet echt mee met de hoofdpersoon. Je hebt soms de indruk het verhaal van een aanhanger van de Tea Party of van Trump te lezen. En er is dat weifelen altijd.

Wat mij betreft, is deze trilogie niet erg geslaagd. (Ondertussen ben ik wel fan van Harris’ andere boeken. O.a. Vaderland – uit 1992, het is een boek dat uitgaat van de veronderstelling dat Duitsland de tweede wereldoorlog wel gewonnen heeft; de hoofdpersoon komt na de oorlog te weten dat er een genocide geweest is – en Pompeji (uit 2003) zijn wel schitterend.)

Saylors Catilina

En dus wil ik hierbij toch eens een lans breken voor een andere kijk op Cicero en Catilina. Die vind je o.a. in Catilina’s wapen (een zwakke vertaling van de originele titel Catilina’s Riddle) van de Amerikaanse auteur Steven Saylor uit 1994. Het raadsel in de titel verwijst naar een anomalie in de samenleving: een klein hoofd heeft alles, terwijl het veel grotere lichaam niets heeft. (Ook nu heeft een kleine groep rijken alle rijkdom van heel de wereld. Het goede nieuws dat het in de Oudheid zeker nog erger was dan thans.) Ook de andere delen van de Sub Rosa-reeks handelen over de geheimen die worden ontrafeld door de detective Gordianus.

De boeken van Saylor zijn eigenlijk verrassend goed gedocumenteerd en blijven dus een aanrader!

Parenti’s Caesar

Als leestip geef ik hierbij zeker ook nog De moord op Julius Caesar (2003) mee van Michael Parenti, een linkse Amerikaanse journalist. Het is een regelrechte tirade tegen de optimates. Het werd in Vlaanderen uitgegeven in 2004 bij de erg linkse uitgeverij EPO. In de ogen van traditionele classici maakte dit het boek – in mijn ogen ten onrechte – verdacht. In het boek worden de optimates heel slecht voorgesteld.

Terug naar Cicero

Hierbij kom ik nog eens terug op de Eerste Catilinarische Redevoering van Cicero. Na zijn – stilistisch – magistraal begin zegt Cicero hier wat er vroeger gebeurde met lieden als Catilina. Vroeger, in de goede oude tijd – Cicero heeft het over de tweede en eerste eeuw v.Chr. met bijvoorbeeld de gebroeders Gracchus –  werden die aangepakt en gelyncht. Kan je je voorstellen dat een premier vandaag de dag zou voorstellen een oppositielid ter dood te brengen?

Het gaat er niet meer in bij mij dat zulke teksten nog gelezen worden zonder enige duiding. En hoe je het kan blijven hebben over de humanitas (algemene beschaving) van zo iemand als Cicero is mij ook een groot raadsel.

Dat neemt niet weg dat Cicero (net als Harris) geweldig goed kan schrijven!

Deel dit blog:
Het Tempe-ravijn

De Tempevallei is de diepe kloof tussen de bergen Olympos en Ossa, waar de snelle rivier Peneios zich een weg Read more

Quis est? Hestiaios Pontikos, de man die de zon nooit zag op- of ondergaan

“De man die de zon nooit zag op- of ondergaan” is niet de titel van een roman, noch het verhaal Read more

Waar komt het woord “religie” vandaan?

Het Nederlandse woord religie komt direct van het Latijnse woord religio, maar wat betekent dat eigenlijk? Uit de oudheid zijn Read more

Cicero 5: nalatenschap

[Tijdens het Hellenisme ontstonden nieuwe filosofische scholen, naast de al gevestigde scholen van de Platoonse Academie, en de Peripatetische school Read more


Categoriën: Boek, Romeinse Republiek