The Rise of Civilization

7 mei 2021

Deel:
Categoriën: Prehistorie, Sumerië
Romeinse gem (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

“Rape in the sky”

17 april 2021

We moeten wegens de corona zoveel mogelijk thuis blijven maar voor de opnames van Oog op de Oudheid moest ik afgelopen dinsdag toch echt naar Leiden, naar het Rijksmuseum van Oudheden. Daar was een expositie van gemmen – u weet wel, gesneden edelstenen – ingericht waar geen mens momenteel naar kan komen kijken. Het stemde me intens treurig. Het is zoiets als de weg weten in een huis dat is gesloopt. (Tussen haakjes: al mijn veel beleden sympathie voor Rotterdam maakt me niet blind voor de waanzin van de sloop in de Tweebosbuurt.)

Terug naar die gemmen. Hierboven een Romeins voorbeeld uit de eerste eeuw n.Chr.: een adelaar die iemand optilt. De adelaar is Zeus/Jupiter, daar zit geen probleem. Maar wie is de ander? Is het Hebe, de schenkster van de goden? Die wordt meestal afgebeeld met een beker in de hand. Is het – zie het plaatje hieronder – Ganymedes, de geliefde van Zeus? Het door een enorme adelaar meegevoerde mensje lijkt een vrouw met een haarknotje.

Deel:
De ziggurat van Ur

Ziggurat

30 maart 2021

Het handboek waarover ik elke week een keer blog, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, bevat een tekening van de ziggurat ofwel tempeltoren waarvan u hierboven een foto ziet. Ziggurats zijn het Mesopotamische equivalent van de Egyptische piramiden: grote kunstmatige vierkante bergen van steen. Ze zijn ook ruwweg even oud: ergens in het vroege derde millennium werd begonnen met de constructie van deze monumenten. Anders dan een piramide, die een vorstengraf is, is een ziggurat een tempel; en terwijl de bouw van de piramiden al na twee eeuwen over zijn hoogtepunt was (letterlijk) en rond 1640 v.Chr. helemaal ophoeld, gingen de Sumeriërs, Elamieten, Akkadiërs, Babyloniërs, Assyriërs de volken op de Iraanse hoogvlakte door met de bouw van tempeltorens tot in de Seleukidische tijd. De foto hierboven toont een hellenistisch monument.

Het woord ziggurat is afgeleid van ziqqurratu, Akkadisch voor “oprijzend gebouw”. Sommige van deze monumenten rezen inderdaad hoog. De tempeltoren die bekend staat als Etemenanki (“Huis van het fundament van de hemel op aarde”) in Babylon was 92 meter hoog. Nog groter was het heiligdom van de god Anu te Uruk, gebouwd in de derde of tweede eeuw v. Chr. De best bewaarde tempeltoren staat in Choga Zanbil in Elam, het huidige Khuzestan in Iran.

Deel:
Categoriën: Babylonië, Elam, Sumerië
Koning Maništušu van Akkad; kopie van een in de Ištartempelk in Nineveh gevonden portret. Het origineel is in Bagdad; deze kopie komt uit het British Museum in Londen.

Mesopotamië in het derde millennium

26 maart 2021

In mijn reeks naar aanleiding van het handboek waarmee ik ooit oude geschiedenis leerde, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, vandaag een stukje over het derde millennium in het Nabije Oosten. De verdeling die de auteurs aanbrengen in paragrafen over enerzijds Egypte en anderzijds de Sumeriërs en Akkadiërs – dat is een erfenis uit de tijd dat oudheidkundigen alleen deze twee culturen kenden en dan vooral uit teksten.

Het plaatje is nu helemaal anders. De archeologie documenteert de Vroege Bronstijd in een veel grotere regio. De handel in tin zorgde voor contacten en ideeënuitwisseling, waardoor netwerken ontstonden van Oezbekistan tot Mesopotamië en van de Atlantische kusten tot Egypte. Jiroft is een belangrijke nederzetting in Iran en het BMAC is een van de fascinerendste beschavingen die is herkend sinds De Blois en Van der Spek de eerste versie van hun handboek naar de drukker brachten. De nadruk die zij leggen op de twee traditionele “oerculturen” is niet verkeerd – die twee culturen schreven tenminste – maar ik vermoed dat als ze hun boek nu zouden opzetten, ze één hoofdstuk zouden maken waarin het geheel van culturen zou worden behandeld.

Deel:
Categoriën: Assyrië, Babylonië, Sumerië

Het huis van Abraham in Ur

11 december 2020

Daar ben ik toch eigenlijk wel jaloers op, op de paus. Mijn vriendin en ik hebben al anderhalf jaar het voornemen naar Irak te gaan, een land waar ik beroepshalve allang geweest had moeten zijn. Maar ja, u weet hoe warm het is en hoe ver, en ik kan eraan toevoegen dat het ook niet goedkoop is en dat je het beste een groepje kunt samenstellen.

Juist toen dat begon te lukken en er een goede kans was dat we behalve Bagdad tenminste twee van de drie grote regio’s  – de Assyrische hoofdsteden in het noorden, het Babylonische zuiden en het sji’itische westen – konden bezoeken, kwam de corona. Wat een reis naar Irak zou zijn werd dus een reis naar Rome werd een weekje Limburg werd uiteindelijk een bezoek aan het Thermenmuseum in Heerlen. Waren we maar paus geweest.

Deel:
Categoriën: Babylonië, Sumerië
Tags: , ,
De Palmyreense triade: Aglibol , Ba'alshamin en Malakbel. Syrische, Arabische, Griekse, Oosterse en Romeinse elementen bij elkaar.

Even voorstellen: Ex Oriente Lux

4 december 2020

‘Uit het oosten komt het licht’. Niemand weet precies van wie deze spreuk is. Het heeft natuurlijk te maken met het feit dat de zon in het oosten opgaat, maar ook met de idee dat veel grondslagen van de westerse en islamitische culturen uit het (midden) oosten komen.

In Nederland bestaat sinds 1933 een vereniging, Het Vooraziatisch-Egyptisch Genootschap ‘Ex Oriente Lux’, die zich ten doel stelt kennis van die grondslagen bij een breder publiek bekend te maken. Het gebied waarover we het hebben is wat sommigen het ‘Oude Nabije Oosten’ noemen, d.w.z. Egypte, Mesopotamië (Irak), het Hethitische rijk in Klein-Azië (Turkije), Syrië en Israël in de periode van ca. 3500 v. Chr. tot 700 n. Chr.

Deel:

The Rise of Civilization (2)

12 november 2020

Als voorbeeld van de op neo-evolutionisme gebaseerde New Archaeology (zie vorige stukje) kan de overgang dienen van een egalitaire, agrarische maatschappij uit de Late Steentijd naar de eerste stadstaten. Anders gezegd: het immer fascinerende Chalcolithicum. Beide samenlevingstypen kunnen worden beschreven als structureel en functioneel samenhangend maar hoe kwam men van het ene type maatschappij naar het andere? Hoe veranderde het ene culturele systeem in het andere?

In de eerste helft van de twintigste eeuw zochten oudheidkundigen het in een keten van opeenvolgende oorzaken en gevolgen: een klimaatverandering had ertoe geleid dat men dijken en kanalen moest gaan aanleggen, dit had coördinatie verondersteld, daardoor was het centraal gezag versterkt, en dus waren paleizen en steden ontstaan. Onderzoekers als Braidwood waren er al van overtuigd geweest dat het zo niet kon zijn en de koolstofdateringen bevestigden in elk geval dat het geen revolutionaire ommekeer was geweest maar een geleidelijke evolutie. (Politiek buskruit, zoals ik al eens schreef.) De nieuwe archeologen conceptualiseerden het daarom als een geleidelijk proces, dat bestond uit allerlei wisselwerkingen, zoals blijkt uit het schema hierboven: de Nederlandse versie van een plaatje uit Redmans The Rise of Civilization.

Deel:
Mesopotamisch aardewerk uit het derde millennium v.Chr. (Ashmolean Museum, Oxford)

Koude-Oorlog-archeologie

12 november 2020

In 1948 vertrok een Amerikaanse expeditie naar Iraaks Koerdistan, voor wat bekend is komen staan als het “Iraq-Jarmo-project”. Archeoloog Robert Braidwood gaf tot en met 1955 leiding aan een voor die tijd uitzonderlijk groot en gevarieerd team. Het onderzoek had een duidelijke vraagstelling. De beroemde archeoloog Gordon Childe, die om een of andere reden nooit de Nobelprijs voor de Letteren heeft gekregen, had geopperd dat de uitvinding van de landbouw een vrij snelle, revolutionaire gebeurtenis was geweest, die tussen 4500 en 4000 v.Chr. had plaatsgevonden. Braidwood wilde toetsen of er wel zo’n “neolithische revolutie” was geweest. De Amerikaanse overheid steunde de onderneming met grotere subsidies dan ze ooit eerder had toegekend aan een archeologisch project.

Het team was met zorg samengesteld. Alle leden waren gescreend op on-Amerikaanse activiteiten en Braidwood was aangezocht omdat hij openlijk had getwijfeld aan de ideeën van Childe. Archeologie was een van de ideologische strijdtonelen van de Koude Oorlog, want de subsidiënten wilden natuurlijk vooral bewijzen in handen krijgen dat de wereldgeschiedenis niet, zoals de marxisten dachten, vooruitging door revoluties, maar werd getypeerd door een geleidelijke ontwikkeling.

Deel:
Contract uit Shuruppak (Louvre, Parijs)

Sumerisch contract

11 november 2020

Shuruppak gold in Mesopotamië als een van de oudste steden ter wereld, gesticht vóór de Zondvloed. De archeologische vondsten gaan inderdaad heel, heel ver terug. Zo dateert het bovenstaande kleitablet, geschreven in het Sumerisch en tegenwoordig te bewonderen in de rustige oud-oosterse afdeling van het Louvre, uit de zevenentwintigste eeuw v.Chr.: de tijd waarin in Egypte de derde dynastie de eerste piramiden bouwde en waarin in onze contreien de mensen van de Vlaardingencultuur aarzelden tussen nomadisch en sedentair leven. In Engeland besloten de bouwers van het tot dan toe houten Stonehenge dat het leuk zou zijn het monument opnieuw op te trekken uit steen.

Terug naar het kleitablet: dat bevat een administratieve tekst. Er wordt een huis (oppervlak: 54 m²) met een slaaf verkocht. Onderaan staan de getuigen vermeld die instaan voor de eerlijke verkoop. Het zou nog even duren voor de mensen het document zélf, voorzien van twee zegels of handtekeningen, zouden gaan beschouwen als bewijs voor de overeenkomst: in de Oudheid waren getuigen nog heel belangrijk.

Deel:
Categoriën: Musea, Sumerië