Twee snippers van de Dode Zee-rollen met daarop de tekst van Prediker (Jordan Museum, Amman)

MoM | Digitale paleografie

5 april 2021

Om met de deur in huis te vallen: ik heb uw hulp nodig – daarover straks meer. Eerst wat context, daarna mijn verzoek.

Qumranologie

Over de Dode-Zee-rollen heb ik vaker geblogd. Het gaat om een grote groep tussen 1947 en 1956 ontdekte antieke religieuze teksten, gevonden in enkele grotten te Qumran, niet ver van de plek waar de Jordaan uitmondt in de Dode Zee. Het materiaal, dat pas in 2009 allemaal was uitgegeven, is ten dele afkomstig van een joodse sekte, misschien de essenen. Theorieën als zou de ruïne bij Qumran een klooster zijn geweest met de rollen als kloosterbibliotheek, zijn inmiddels achterhaald, maar een alternatief is er nog niet, terwijl wél duidelijk is dat er een relatie heeft bestaan tussen ruïne en grotten. (Er zijn overigens meer antieke teksten gevonden in die regio, die ook Dode-Zee-rollen worden genoemd, maar die hebben er weinig mee te maken.)

Deel:
Stamboom van de Indo-Europese talen (klik=groot)

MoM | Digitale historische taalkunde

22 maart 2021

Ik heb wel vaker geblogd over de Lachmannmethode, waarbij classici de fouten in middeleeuwse handschriften gebruiken om te zien welke manuscript van welk manuscript is afgeleid, eventueel verloren handschriften te reconstrueren en zo het origineel zo dicht mogelijk te benaderen. Als van de bladeren van een boom werk je via de takken terug naar de stam; zo werkt de classicus van de concreet voorhanden zijnde data terug naar verloren informatie. Dat de methode correct is, weten we doordat in de Egyptische woestijn papyri zijn teruggevonden met daarop teksten zoals ze volgens de reconstructie moesten zijn.

Dit idee, dat je aan de hand van wat je in het heden vindt terug kunt redeneren naar wat er vroeger moet zijn geweest, staat bekend als de fylogenetische stamboom. Die term komt uit de biologie: van de huidige diersoorten kunnen we terugredeneren naar uitgestorven voorouder-diersoorten. Ik heb me ooit door een bioloog laten vertellen dat de methode ook hier correct is gebleken: sommige vormen waarvan men had beredeneerd dat ze bestaan moesten hebben, zijn in fossiele vorm teruggevonden.

Deel:
Amida en de Tigris

MoM | De vergeetachtige ooggetuige

15 maart 2021

Ooit las ik ergens, ik ben vergeten waar, over een docent aan een rechtenopleiding die zijn studenten duidelijk wilde maken dat getuigenverklaringen onbetrouwbaar waren. Terwijl hij zijn college gaf, liet hij een kennis binnenstormen die hem tegen de vlakte werkte en zich vervolgens uit de voeten maakte, waarna de docent, weer opgekrabbeld, de onthutste studenten vroeg wat was gebeurd. Had de dader een blauw of een zwart pak aan, had hij gestoken of geslagen, dat soort vragen. De studenten bleken zich dat allemaal niet meer te herinneren, hoewel het recht voor hun ogen was gebeurd.

De verkleurde herinnering

Ooggetuigen zijn notoir onbetrouwbaar. Om te beginnen passen mensen hun herinneringen aan. We hebben daarvan een prachtig voorbeeld uit de oude wereld, namelijk het gesprek dat keizer Constantijn de Grote kort voor zijn overlijden in 337 n.Chr. had met Eusebios, die later ’s keizers biografie zou schrijven. De heerser haalde herinneringen op aan het visioen dat hij ooit had gehad. Hij bezwoer zijn gast dat het echt was gebeurd. Na het middaguur, zo verzekerde hij, hadden hij en zijn soldaten een lichtend kruis aan de hemel gezien. Aanvankelijk had hij in het ongewisse verkeerd over de betekenis. Later had Christus hem in een droom geadviseerd een standaard te maken in de vorm van dit teken. Na dat nachtje slapen had Constantijn dus geweten dat het visioen christelijk van aard was.

Deel:

Oog op de Oudheid 2021

1 maart 2021

Oog op de Oudheid is een jaarlijkse serie presentaties en -discussies over de bestudering van de oudheid, georganiseerd door het Rijksmuseum van Oudheden. Want de wereld van de Romeinen, Grieken, Kelten, Egyptenaren, Joden en Mesopotamiërs is fascinerend, maar de bestudering daarvan is dat eveneens. Onder het motto ‘geen weetjes maar wetenschap’ hoort u vier avonden lang wat onderzoekers nu eigenlijk doen – dit jaar via livestreams. In 2021 is Oog op de Oudheid gewijd aan het thema controverse.

data: dinsdag 30 maart, dinsdag 6, 13 en 20 april 2021 tijd: 20.00 – 21.30 uur locatie: livestream vanuit het Rijksmuseum van Oudheden kosten: gratis social media: #OodO21

Programma

Elke avond begint om 20.00 uur, wordt ingeleid door en sluit af met een korte discussie onder leiding van presentator Richard Kroes. Om 21.30 uur is de sluiting.

Deel:
De Waal als vlechtende rivier

Het belang van Buijtendorp (1)

22 februari 2021

Wie zich bezighoudt met Nederland in de Romeinse tijd, kampt met een gierend gebrek aan data. Zeker, de archeologische depots liggen behoorlijk vol, maar om van vondsten te komen tot een reconstructie van een oude samenleving is interpretatie nodig. Die vindt plaats aan de hand van andere vondsten, vergelijking met andere voorindustriële culturen en enkele honderden Latijnse en Griekse teksten, waarvan de meeste vrij kort. Die vergen eveneens uitleg. Je krijgt weleens de indruk dat oudheidkundigen geschreven bronnen naar believen letterlijk nemen, afdoen als literair motief, interpreteren als atypisch of presenteren als onverwachte bevestiging van wat ze al vermoedden. Die indruk is onterecht, want tekstuitleg is gebonden aan hermeneutische regels. Er is echter wel speelruimte, dus de indruk is begrijpelijk.

Samenvattend: de data zijn onvoldoende en ambigu. Dat maakt het lastig ze om te zetten in informatie – data die zijn beoordeeld en gecombineerd. Zeg maar puzzelstukjes die aan elkaar zijn gelegd.

Deel:
Frederik de Grote (Berlijn)

Technologisch determinisme

15 februari 2021

Ik schreef vorige week over de Lex Roscia. Die presenteerde ik in het licht van enerzijds de Romeinse burgeroorlogen, die gewonnen zouden worden door de partij die de meeste soldaten kon oproepen en daartoe het kwistigst omging met burgerrechtverleningen, en anderzijds van een soort globaliseringsproces. Dat laatste, zo schreef ik, vloeide voort uit betere technieken om ijzer te bewerken, waardoor de welvaart was toegenomen, de vraag naar importproducten was gestegen, de handelsnetwerken waren vergroot, mensen meer met elkaar te maken kregen en oorlogen konden plaatsvinden, die uiteindelijk werden gewonnen door de grootste staat. Het zo ingezette proces van schaalvergroting moest wel leiden tot één wereldrijk waarin iedereen (of althans alle vrijgeboren mannen) gelijke burgerrechten had.

Er zijn hier twee problemen. Het eerste is dat het verhaal incompleet is. Naast het Romeinse Rijk bleef immers een Parthisch Rijk bestaan. Ik vermoed dat het unificatieproces op zijn natuurlijke grenzen stuitte. Beide rijken hadden alle grondstoffen die ze nodig hadden; handel was er wel maar was niet noodzakelijk. Toen men na enkele oorlogen had ontdekt dat het lastig zou zijn de ander te verslaan, zag men er maar van af. Denk ik. Ik weet het niet.

Deel:

Handschriftherkenning & digitale paleografie

1 februari 2021

Nog even iets naar aanleiding van de Sapfo-fragmenten. De eerste vraag was die naar de provenance en echtheid. Vóór ontdekker Dirk Obbink in het Times Literary Supplement (niet meer online) de discussie de verkeerde kant op loodste, gingen er al geruchten, en één daarvan was dat het handschrift van de schrijver bekend was van een ander antiek manuscript, aanwezig in de Green-collectie. Ik heb dat toen geloofd: hier vlieg ik erin.

Papyrologe Roberta Mazza was minder naïef en wees er meteen op dat het ongeloofwaardig was dat de Greens delen bezaten van een tekst waarvan andere delen pas net uit een kartonnage waren gehaald. Hoe kon Obbink vaststellen dat hij te maken had met dezelfde tekst? Het antwoord is dat het in theorie zou kunnen. Maar ook dat het heel problematisch is.

Deel:

MoM | Rome 455, Washington 2021?

11 januari 2021

Als mijn uitgever het me vraagt, en als die uitgever ook nog inhoudelijk nadenkt over wat geschiedenis is, kan ik moeilijk weigeren. Vandaar: een stukje over de vergelijking in het plaatje hierboven. Mijn uitgever heeft gelijk: de grap, waarin de Vandalen van 455 staan tegenover de vandalen van 2021, veronderstelt een achterhaalde visie op de Vandalen. Wie de Vandalen waren, leest u maar in het boek van Mischa Meier. Ik schreef er al over en zal er nog weleens op terugkomen. Mij gaat het vandaag om de vergelijking zelf.

Washington en Rome

Het is namelijk niet de enige recente vergelijking tussen gebeurtenissen in Washington en gebeurtenissen in het Romeinse Rijk. Hier staat bijvoorbeeld Donald Trump naast de Gracchi, de Pompeii en de Caesares die een einde maakten aan de Romeinse republiek. Er valt iets voor te zeggen. Een elite die privileges accepteerde zonder dienstbaarheid, werd ervaren als corrupt, had geen steun meer en ging ten onder. Maar ja: die analyse is zó algemeen dat ’ie altijd klopt. De instorting van het pausdom in de dertiende eeuw en de ondergang van het Franse absolutisme zijn andere voorbeelden. De vergelijking is zo breed dat ze zinledig is.

Deel:

Continuïteit

21 december 2020

Het reliëf hierboven heb ik een paar maanden geleden gefotografeerd in Utica. Twee Punische grafstèles waarvan er in Tunesië dertien in een dozijn gaan. De overledenen zwaaien ons nog even na nu we wandelen langs hun laatste rustplaatsen, zou je op het eerste gezicht zeggen, maar het kan natuurlijk ook een zegenend gebaar zijn.

Je kunt moeiteloos parallellen vinden van de vriendelijk opgestoken hand. In de Oudheid zijn er de handen van de Thracische godheid Sabazios, vaak voorzien van allerlei kwaadafwerende tekens, of de handen van de Syrisch-Romeinse godheid Jupiter Dolichenus, waarvan u hieronder een foto ziet. Er zijn christelijke amuletten met dezelfde open hand. In alle gevallen dienden deze handen om geluk en heil te brengen. Een zegen, een groet.

Deel:

Een draak van wetenschapscommunicatie

12 december 2020

In de rubriek wetenschap van VRT NWS viel mijn oog op de titel “Is Lennik ouder dan “oudste stad” Tongeren? VUB-prof meent via nieuwe meettechniek van wel”. Het is een opmerkelijk stukje. Het gaat uit van een professor die ook meewerkt aan het Team Scheire. Dat is een populair TV-programma dat aan wetenschapscommunicatie doet.

Deze professor beweert op basis van oppervlaktemetingen en veldwerk op het platteland dat Lennik de oudste Romeinse nederzetting van België is. Het zou dus ouder zijn dan Tongeren dat omstreeks 10 v.C. werd gesticht. Hij verwijst daarvoor onder meer naar het winterkamp van Quintus Tullius Cicero dat daar in de nabijheid zou gelegen hebben. Bovendien zou Caesar in 47 v.C. Quintus Cicero naar Lennik gestuurd hebben om zowat 15.000 veteranen een stuk grond te geven in Gallië. Als bewijs daarvoor verwijst hij naar de centuriatio of het Romeinse kadaster. Daarvan zou hij in Lennik restanten gevonden hebben in 56 gelijke percelen. Het bericht zou de moeite niet waard zijn om op te reageren ware het niet dat het zich via alle mogelijke dagbladen zoals Het Belang van Limburg, Het Laatste Nieuws, De Morgen, en zo voort, verspreidt. Wanneer we de argumenten kritisch op een rij zetten dan blijkt daar weinig van over te blijven.

Deel: