Ramses III maakt korte metten met wat Zeevolken, herkenbaar aan hun hoofddeksels.

De Zeevolken: meer problemen

12 augustus 2021

In de vorige vier stukken (één, twee, drie, vier) over de Zeevolken heb ik uitgelegd dat het bewijsmateriaal een consistent verhaal mogelijk maakt: een klimaatcrisis rond 1200 v.Chr. bracht een migratiegolf op gang van het Egeïsche-Zee-gebied richting Egypte en de Levant. Ik was begonnen uit te leggen dat het bewijsmateriaal echter zo eenduidig niet is. Het is lastig te dateren.

Het aardewerkprobleem

Een andere manier om migratie vast te stellen is kijken naar de verspreiding van deze of gene archeologische cultuur. Als we de voorwerpen die vóór 1200 v.Chr. gangbaar waren op Sardinië na een tijdje ook aantreffen in het Midden-Oosten, en als het daarbij niet alleen gaat om handelsaardewerk maar ook om keukenaardewerk, dan hebben we een aanwijzing voor migratie. Maar aardewerk is in deze periode niet alleen moeilijk te dateren, het is ook lastig te kwalificeren.

Deel:
Het verwoeste paleis van Ugarit

De Zeevolken: de problemen

11 augustus 2021

In de stukken die ik tot nu toe wijdde aan de Zeevolken vatte ik samen hoe De Blois en Van der Spek in Een kennismaking met de oude wereld uitleggen wat er aan de hand was. Ze doen dat met alle voorzichtigheid die het onderwerp vereist, want veel is onduidelijk. Wat echter inmiddels wél zeker is, is dat er een klimaatverandering is geweest die het maatschappelijke aanpassingsvermogen te boven ging. Ik keek naar het bewijsmateriaal en wees erop dat dit viel te presenteren als een consistent verhaal: zo rond 1200 v.Chr. was er een klimaatomslag; volken uit het Griekse gebied raakten op drift; er was een noordwest-zuidoost-beweging van Zeevolken; steden werden geplunderd; het Hethitische Rijk ging ten onder; de vraag naar tin nam af; de interregionale handelsnetwerken stortten in; men schakelde over op ijzer. We zouden de migratie van de Frygiërs vanaf het zuidelijke Balkanschiereiland naar Anatolië nog kunnen toevoegen.

Complicaties

Het is mogelijk het bewijsmateriaal zo te presenteren, maar er zijn complicaties. De voorgaande alinea past mooi in een negentiende-eeuws frame dat beschavingen à la het West-Romeinse Rijk ten onder gingen door migraties. Dat was destijds een populaire analyse – om niet te zeggen: een koloniaal angstbeeld – maar het is voor de transitie van Oudheid naar Middeleeuwen achterhaald. Op drift geraakte stammen assimileerden en de veranderingen in het Mediterrane wereldrijk hadden vooral te maken met het feit dat het al van binnenuit verzwakt was. Iets dergelijks kan natuurlijk ook spelen bij de Zeevolken: die werden gevaarlijk doordat de oosterse grootmachten al verzwakt waren, waarbij de klimaatomslag die de Zeevolken het ruime sop deed kiezen, slechts één factor was. Moeten we niet zoeken naar andere factoren?

Deel:
Ramses III in actie (Medinet Habu)

De Zeevolken: het bewijsmateriaal

10 augustus 2021

In het eerste stukje over de Zeevolken – dat ook “het einde van de Bronstijd” had kunnen heten, vatte ik het handboek samen van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld. Ik legde uit waarom de auteurs terughoudend zijn: ons beeld is onvoldoende scherp en er zijn allerlei complicaties. Die zijn in twee groepen in te delen: enerzijds de oorzaak van de crisis en anderzijds de vraag of de beschikbare data niet wat al te makkelijk zijn geplaatst in een negentiende-eeuws sjabloon over de ondergang van de beschaving. Veel gegevens waren destijds ambigu en lieten zich passen in elk narratief; een deel van de gegevens is nog altijd voor meerderlei uitleg vatbaar.

Wat betreft de oorzaak: we hebben inmiddels zoveel gegevens dat wél duidelijk is dat rond 1200 v.Chr. in het oostelijk bekken van de Middellandse Zee een periode aanbrak van droogte. Ik blogde er al over. Dat leidde tot een crisis en het wegvallen van de vraag naar tin, zodat de handelsnetwerken ook verdwenen, waarna men overschakelde van brons naar het overal vindbare ijzer. Alvorens te bezien of een consistent verhaal mogelijk is, moeten we het bewijsmateriaal eens bekijken.

Deel:
Het democratische metaal ijzer: klappersteen uit Drenthe (Hunebeddencentrum, Borger)

De Zeevolken

7 augustus 2021

In de reeks over het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, wil ik het vandaag eens hebben over de Zeevolken. Maar eerst iets over wat een handboek eigenlijk is: het bevat de basiskennis die een student beheersen moet voordat hij of zij zich kan verdiepen in de eigenlijke discussies. De stof wordt in het handboekcollege een beetje geproblematiseerd, en wordt daarna werkelijk bekeken door middel van literatuurlijsten en vooral werkcolleges. Zo was het althans in mijn tijd; of het nog steeds zo is, weet ik niet. In elk geval: de Zeevolken zijn typisch een thema waarover een student in een handboek leest, dat een docent bij het handboekcollege problematiseert en dat zich leent voor een werkcollege om te tonen hoe complex het is.

De Blois en Van der Spek wijzen op een reeks verschijnselen op de overgang van de Bronstijd naar de IJzertijd. Er was een “concert van mogendheden”: Egypte, Assyrië, Babylonië en de Hethieten. Het laatste rijk viel rond 1200 v.Chr. uiteen en daaruit kwamen de Neo-Hethitische staten voort. Rond het Egeïsche-Zee-gebied kwam een einde aan de Mykeense paleisburchten. Steden als Ugarit werden verwoest en verlaten.

Deel:
De stierspringers uit Knossos

Die vreedzame Minoërs

30 juli 2021

Omdat ik wat in een impasse verkeer over de zin van mijn werk, ben ik een tijdje geleden begonnen het (regelmatig verbeterd herdrukte) handboek te herlezen waarmee ik ooit oude geschiedenis leerde, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek. Wat bij Van Gogh werkte, de terugkeer naar Millet, heeft bij mij nog niet gewerkt, maar wie weet zal dat wat ooit voor grote kunstenaars werkte ook voor mij nog eens iets opleveren. Ik lees het handboek dus om inspiratie te herwinnen, niet om op alle slakken zout te leggen. Evengoed moet ik vandaag toch even kritisch zijn.

Van de bewoners van het oude Kreta, die we gewoonlijk naar de legendarische koning Minos van Knossos de Minoërs noemen, werd ooit beweerd dat ze zo vreedzaam waren. Wie als eerste opperde dat Kreta een vreedzame handelscultuur had gehad, weet ik niet; wel weet ik wat ook De Blois en Van der Spek schrijven.

Deel:

Het einde van de Bronstijd

8 mei 2021

De Late Bronstijd! Ik had retorisch willen vragen welk oudheidkundig thema toch fascinerender kon zijn, maar dan gaat u natuurlijk “Cicero” roepen of “Atheense tragedies”, of iets anders, want het zou matennaaierij zijn op retorische vragen geen flauwe antwoorden te geven. Maar goed: weinig onderwerpen uit de Oudheid zijn fascinerender dan de Late Bronstijd.

Reden één: de puzzelstukken beginnen in elkaar te grijpen. Naast archeologie hebben we teksten, Mesopotamië sluit aan op Egypte, er het vroegste (Mykeense) Griekenland heeft contact met Cyprus en de Hethieten. We zien in de brieven menselijke emoties, we hebben handel over enorme afstanden – denk aan het tin dat vanaf de Atlantische kusten naar het oostelijk bekken van de Middellandse Zee kwam – en we hebben staatsverdragen. Alles is er, althans in aanzet.

Deel:
De Zeus-krater uit Enkomi

Foto van de dag: de Zeus-krater

28 februari 2021

De Zeus-krater uit Enkomi, nu in het Cyprusmuseum in Nicosia. De god staat rechts en heeft een weegschaal in de hand waarmee hij het lot van de krijgers in de strijd beslist.

[Meer foto’s hier.]

Deel:
Categoriën: Foto, Kreta en Mykene, Musea
PY Fr 1184 (Uit: Emmett L. Bennett Jr., The Olive Oil Tablets of Pylos, 1958)

De verstaanbaarheid van het oudste Grieks

13 december 2020

Kokalos heeft zoveel olijfolie betaald aan Eumedes.

Zo luidt een van de oudste Griekse zinnen, compleet met onderwerp, lijdend voorwerp en meewerkend voorwerp. De woorden (gevolgd door een volume-eenheid en een getal) zijn vastgelegd op een kleitablet uit Pylos op de Peloponnesos (PY Fr 1184, r. 1-2). De Grieken van de tweede helft van het tweede millennium v.Chr. hadden nog geen alfabet, maar gebruikten een lettergrepenschrift dat we Lineair B noemen. Dat is in 1952 op uiterst ingenieuze wijze ontcijferd (zoals ik hier stamelend uitleg).

Deel:
Categoriën: Kreta en Mykene