Portret van een Romein (derde kwart eerste eeuw v.Chr.; Museum für Kunst und Gewerbe, Hamburg)

Caesar en Varro (1)

15 augustus 2021

Als ik u zeg dat het 17 september was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 15 augustus 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Aankomen in Cádiz.

Deel:

Iberische ruiter

27 december 2020

Stik, ik ben gisteren vergeten mijn dagelijkse stukje te schrijven. Snel alsnog gedaan: hierboven een klein metalen beeldje, afkomstig uit het heiligdom van La Luz, niet ver van Murcia in het zuidoosten van Spanje. Zeg maar achter Cartagena. Het is een Iberische ruiter met een groot rond schild: een soldaat dus. Er zijn wel meer van dit soort beeldjes gevonden en we mogen speculeren dat een ruiter voor of na een veldtocht zo’n kleine kopie van hemzelf achterliet.

Deel:
Tags:

Wat is er nieuw? Spanje

10 december 2020

Het Iberische Schiereiland is bij de bestudering van de antieke wereld een beetje een buitenbeentje. Vergeleken met Italië en Griekenland zijn er betrekkelijk weinig bronnen, terwijl de archeologie het in de Franco-jaren niet heel gemakkelijk heeft gehad. Toch is de geschiedenis boeiend: de IJzertijdculturen, de komst van Fenicische en Griekse kolonisten, de keltificering, de oorlog tussen Karthago en Rome, de geleidelijke verovering van het metaalrijke gebied, de rustige keizertijd, het Rijk van Toledo en tot slot de bliksemsnelle Arabische verovering.

Conflictarcheologie

De laatste jaren zijn er vrij veel belangrijke opgravingen, waarvan vooral de conflictarcheologie van Spanje de aandacht trekt. Archeologie is meestal de bestudering van lange processen, maar het opgraven van een slagveld biedt een overlap met evenementiële geschiedenis en is dus een uitgelezen kans om de archeologische methoden te vergelijken met de methoden van de historici en zo verder te groeien. Die dimensie komt niet meteen aan de orde in de berichtgeving van El Pais, maar is wel waarom Spanje interessant is.

Deel:
Tags:
Inscriptie uit Lascuta (Louvre, Parijs)

Vrijgelaten slaven

21 november 2020

Een klein, bronzen plaatje dat in de buurt van Cádiz uit de grond kwam, wordt gezien als de oudste Latijnse inscriptie van Spanje. De inscriptie stamt uit 189 v. Chr, toen Lucius Aemilius Paulus praetor was in de Romeinse provincie Hispania. Hij was de zoon van de gelijknamige consul die omkwam bij de slag bij Cannae tegen Hannibal in de Tweede Punische oorlog tussen Rome en Carthago. In die tijd was een groot deel van Hispania nog in handen van de Carthagers. Aemilius junior zal dus zijn redenen hebben gehad om juist dit gebied goed onder controle te houden.

Romeinse geschiedschrijvers melden dat er veel opstanden waren. Spanje was verdeeld in verschillende stammen, die niet allemaal zaten te wachten op de Romeinse cultuur en gewoontes. Romeinse legerkampen werden regelmatig belaagd. Livius meldt dat Aemilius het aan de stok kreeg met de Lusitaniërs. Onderstaande inscriptie kan hiermee in verband staan. Misschien heeft Aemilius de stad Hasta Regia belegerd en een opstand van slaven gestimuleerd met Romeins burgerschap in het vooruitzicht? De ware toedracht blijft onduidelijk, maar de inscriptie had zo een inspiratiebron kunnen zijn voor een aflevering van Game of Thrones.

Deel:
De Romeinse brug van Alcantara

Verklaren door vergelijken (3)

14 november 2020

In de twee eerste stukjes heb ik uitgelegd dat vergelijken een manier is om oorzaken op te sporen, al moet je rekening houden met valkuilen en werken brede patronen (“modellen”) beter dan simpele parallellen. De toepassing van dit vergelijkend-oorzakelijke verklaringsmodel komt vaak neer op het uitsluiten van concurrerende variabelen en daarvan wil ik nu een voorbeeld geven: wat is de voornaamste oorzaak was van de romanisering? Het voorbeeld zou eigenlijk tientallen parallellen – een patroon, een model – moeten hebben, maar ik kies toch even voor één casus, Andalusië.

Daar kunnen we de romanisering namelijk vergelijken met de arabisering. Tweemaal werd de bevolking door overmachtige legers onderworpen en veranderden taal en religie. Hoewel de processen op elkaar lijken, is er een groot verschil tussen de eindes van de vergeleken periodes: toen in de vijfde eeuw het Romeinse staatsapparaat desintegreerde en een van oorsprong Visigotische elite de macht overnam, absorbeerde de bevolking haar heersers, die zich aanpasten, Latijn gingen spreken en christelijk werden. In de Late Middeleeuwen, toen veroveraars uit Portugal, Castilië en Aragon het gebied overnamen, kon de inmiddels Arabisch geworden bevolking haar nieuwe meesters echter niet absorberen. Blijkbaar greep de romanisering dieper in dan de arabisering, maar waardoor?

Deel:

Turdetanische krijger

28 oktober 2020

Osuna, het antieke Urso, ligt in het midden van de vlakte tussen Cordoba en Sevilla. Ik herinner me een provinciestadje, een kathedraal en een ruïneveld. Ook herinner ik me de landeigenaar, die een schilderijtje van een Vlaamse meester in zijn slaapkamer had hangen. En vooral herinner ik me de illegale opgravers die me wel wat oudheden wilden aansmeren.

Olijven

In de Oudheid stond de vlakte rond Osuna, die zich uitstrekte van de Guadalquivir tot de uitlopers van de Sierra Nevada, vol olijfbomen. De amforen die naar Rome zijn geëxporteerd en daar zijn weggeworpen op de Monte Testaccio, zijn beroemd geworden omdat ze een reconstructie van de Andalusische olijfolienijverheid mogelijk maakten. Dat is, voor de oude wereld, een unicum. De Carbonell-olijfolie die u bij Albert Heijn of Delhaize koopt, vertegenwoordigt een eeuwenoude agrarische traditie.

Deel: