Een draak van wetenschapscommunicatie

12 december 2020

In de rubriek wetenschap van VRT NWS viel mijn oog op de titel “Is Lennik ouder dan “oudste stad” Tongeren? VUB-prof meent via nieuwe meettechniek van wel”. Het is een opmerkelijk stukje. Het gaat uit van een professor die ook meewerkt aan het Team Scheire. Dat is een populair TV-programma dat aan wetenschapscommunicatie doet.

Deze professor beweert op basis van oppervlaktemetingen en veldwerk op het platteland dat Lennik de oudste Romeinse nederzetting van België is. Het zou dus ouder zijn dan Tongeren dat omstreeks 10 v.C. werd gesticht. Hij verwijst daarvoor onder meer naar het winterkamp van Quintus Tullius Cicero dat daar in de nabijheid zou gelegen hebben. Bovendien zou Caesar in 47 v.C. Quintus Cicero naar Lennik gestuurd hebben om zowat 15.000 veteranen een stuk grond te geven in Gallië. Als bewijs daarvoor verwijst hij naar de centuriatio of het Romeinse kadaster. Daarvan zou hij in Lennik restanten gevonden hebben in 56 gelijke percelen. Het bericht zou de moeite niet waard zijn om op te reageren ware het niet dat het zich via alle mogelijke dagbladen zoals Het Belang van Limburg, Het Laatste Nieuws, De Morgen, en zo voort, verspreidt. Wanneer we de argumenten kritisch op een rij zetten dan blijkt daar weinig van over te blijven.

Deel:

De canon van Livius

11 december 2020

Volgens voorstanders van een historisch canon bestaan er voldoende redenen om het in te voeren. Zij verwijzen naar de falende historische kennis, een zwakke volksidentiteit en een bijhorend gebrekkig burgerschap. Zij zijn hoe dan ook van oordeel dat het hoog tijd is dat men eindelijk afscheid neemt van het postmodernisme dat vijandig staat tegenover de erflaters van de westerse cultuur en dat men een tegengewicht plaatst tegen het heilloze cultuurrelativisme. Daarom moet een historisch canon de sleutelmomenten van de geschiedenis weergeven, de grote gebeurtenissen uit de geschiedenis, de ankerpunten uit ons gedeeld verleden die iedere burger zou moeten kennen. Nederland heeft zijn canon, in Vlaanderen woedt de discussie erover volop.In feite is er weinig nieuws onder de zon. Enkele dagen geleden nam ik Livius nog eens ter hand. In de praefatio vroeg hij zich af hoe een volk dat door dapperheid en heldenmoed zo groot geworden is, zo diep kon vallen? Toen Livius zijn magistrale Ab urbe condita schreef, wilde hij niet zozeer een objectieve geschiedenis van Rome aanreiken, maar eerder het grootse verleden van het Romeinse volk te boek stellen. Zijn ambities lagen niet in de originaliteit of in een kritische benadering van de geschiedenis van Rome. In zijn inleiding omschreef hij dat als volgt:

Je ziet alle mogelijke leerzame voorbeelden als het ware vastgelegd op een schitterend monument vóór je. Daaruit kun je kiezen wat je ter wille van jezelf en van je land wilt navolgen, en wat je uit de weg wilt gaan omdat het in opzet of resultaat verwerpelijk is. (Livius, Ab urbe condita, Praef., vert. F.H. van Katwijk-Knapp, 1997).

Deel:
Tags: